SPORT- EN WANDELPARK MOLENWIJK Roger van Laere (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 21 november 2015


1 SPORT- EN WANDELPARK MOLENWIJK Roger van Laere (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 21 november 2015 Samenvatting Het gebied Molenwijk, waar een...
Author:  Magdalena Hermans

30 downloads 142 Views 557KB Size

Recommend Documents


JAS DE KEISTAMPER. Henk van Weert (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 5 november 2015
1 JAS DE KEISTAMPER Henk van Weert (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 5 november 2015 Samenvatting Een historische figuur in Boxtel is de reus J...

HET GROENE WOUD. Ger van den Oetelaar (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 26 april 2015
1 HET GROENE WOUD Ger van den Oetelaar (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 26 april 2015 Samenvatting Het Groene Woud is een gebied ter grootte v...

DE ISLAM IN BOXTEL. Kübra Atalay (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 27 augustus 2015
1 DE ISLAM IN BOXTEL Kübra Atalay (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 27 augustus 2015 Samenvatting Islam betekent letterlijk: zich onderwer...

HARMONIEËN. Henk van Weert (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 18 februari 2014
1 HARMONIEËN Henk van Weert (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 18 februari 2014 Samenvatting Boxtel kent tal van blaasorkesten en muziekkap...

BOXTEL: EEN RIJKSHEERLIJKHEID. J.J.E.M. (Hans) de Visser (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) maart 2016
1 BOXTEL: EEN RIJKSHEERLIJKHEID J.J.E.M. (Hans) de Visser (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) maart 2016 Samenvatting Boxtel is een Rijksheerlijk...

MONUMENTEN EN MONUMENTALE PANDEN Bea Schoenmakers (auteur) Hans Pel (2 e lezer) 24 juni 2013
1 MONUMENTEN EN MONUMENTALE PANDEN Bea Schoenmakers (auteur) Hans Pel (2 e lezer) 24 juni 2013 Samenvatting Boxtel bezit een kleine 300 monumenten en ...

KUNSTSCHILDER PIERRE JANSSEN Christ van Eekelen (auteur) Bea Schoenmakers (2 e lezer) 2 januari 2014
1 KUNSTSCHILDER PIERRE JANSSEN Christ van Eekelen (auteur) Bea Schoenmakers (2 e lezer) 2 januari 2014 Samenvatting Pierre (Petrus) Janssen werd gebor...

WILLEM II van BOXTEL: EDELMAN, RIDDER EN HEER VAN BOXTEL J.J.E.M. (Hans) de Visser (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) mei 2016
1 WILLEM II van BOXTEL: EDELMAN, RIDDER EN HEER VAN BOXTEL J.J.E.M. (Hans) de Visser (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) mei 2016 Samenvatting In...

FRANS BANK. illustrator, tekenaar en kunstschilder. Christ van Eekelen (auteur) Frank van Doorn (tweede lezer) 27 november 2015
1 FRANS BANK illustrator, tekenaar en kunstschilder Christ van Eekelen (auteur) Frank van Doorn (tweede lezer) 27 november 2015 Samenvatting Frans Ban...

WATERMOLENS IN BOXTEL EN LIEMPDE Hans Pel (auteur) Frank van Doorn (tweede lezer) 1 augustus 2015
1 WATERMOLENS IN BOXTEL EN LIEMPDE Hans Pel (auteur) Frank van Doorn (tweede lezer) 1 augustus 2015 Samenvatting Al in de middeleeuwen stonden langs v...



Canon van Boxtel

SPORT- EN WANDELPARK MOLENWIJK Roger van Laere (auteur) Bea Schoenmakers (tweede lezer) 21 november 2015 Samenvatting Het gebied Molenwijk, waar eens de heide bloeide, molenwieken draaiden, militairen waakten en de zeis door het oogstrijpe koren zoefde, kreeg in de crisisjaren 1932-1934 naar een ontwerp van tuinarchitect Piet Hasselman en met behulp van de gemeentelijke werkverschaffing een heel ander aanzien. Een volkspark in Engelse landschapsstijl kreeg allengs een zichtbare gestalte. Naast bomen en struiken, plantsoenen, lanen en paden, grasveldjes en akkertjes, bruggetjes, bankjes en eilandjes werd, in de schaduw van het Leijsenven en de redoute, het park gemarkeerd door een wielerbaan, een roeivijver en een natuurbad, een kwekerij voor bloemen en planten, voetbal-, hockey-, tennisvelden en een verpozingslokaal. 1. Wielerbaan Molenwijk Het was in de jaren dertig dat ook in Boxtel sprake was van een ernstige economische crisis met veel werklozen en slechte sociale voorzieningen. Er was armoede, vooral onder de werkloze arbeiders. Het instituut “werkverschaffing” trachtte door het realiseren van bepaalde projecten voor velen de ergste nood te lenigen. In dit kader verrees het park Molenwijk met daarin onder andere een wielerbaan. In 1933 werd de Boxtelsche wielerclub Rapide opgericht. Het bestuur wilde binnen een relatief korte tijd een wielerbaan realiseren. En… dit lukte. Met steun van de gemeenteraad werd langs de Eikenlaan een zandbaan met omrastering, urinoir en juryplatform aangelegd. Het rijdek was verhard met leem en gruis. Op de Tweede Pinksterdag 1934 werd de uniek gelegen velodroom door burgemeester Van Beek officieel geopend in aanwezigheid van vele befaamde wielrenners, autoriteiten en naar schatting tweeduizend sportliefhebbers. * Houten wielerbaan 1934-1941 De 200 meter lange zandbaan zag er aanvankelijk goed uit. Na enkele maanden echter bleek dat het aangelegde dek aan slijtage onderhevig was en aan vervanging toe was. Het bestuur van de Boxtelsche Wielerclub richtte zich tot het college van B. en W. met het verzoek om op het zand van de bestaande wielerbaan een houten dek te leggen. En ja wel. Er kwam een nieuwe baan. De fundering van de nieuwe baan bestond uit ongeveer 2000 palen met dwarsliggers, waarop honderden speciaal bewerkte latjes waren bevestigd. Het was wethouder Jos van Susante, die op 14 juli 1935 de nieuwe baan officieel opende. Vanaf die tijd zijn er vele wedstrijden verreden en hebben talrijke supporters kunnen genieten van de wielersport in park Molenwijk. Pagina 1 van 14

Canon van Boxtel

Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak werd duidelijk dat de wielerbaan om meerdere redenen geen lang leven beschoren was. Begin 1941 klonk de bel voor de laatste ronde, de zware stem uit de luidsprekers verstomde en de wielerbaan op Molenwijk werd gesloopt.

2. Zwembad in park Molenwijk Grote onkosten en een toenemende vervuiling van de Dommel deed de ‘Vereeniging De Boxtelsche Bad- en Zweminrichting’ besluiten om te stoppen met de exploitatie van het zwembassin, gelegen in de Dommel, nabij de molen. Vanaf dat moment had Boxtel geen openbare zwemgelegenheid. Na het inwinnen van velerlei adviezen groeide het plan om van een deel van het Leijsenven in het park Molenwijk een openluchtzwembad te maken. Met het oog op de volksgezondheid én maanden werk voor veel werklozen lanceerde B. en W. het plan bij de gemeenteraad. Nagenoeg alle leden gingen er mee akkoord, waarna een drietal deskundigen benaderd werd. Dit team kwam al snel met een gedurfd ontwerp. Het plan behelsde de aanleg van meerdere bassins in het Leijsenven. Twee ondiepe bassins, twee half diepe en twee diepe. Telkens een voor de mannen en een voor de vrouwen, die in die tijd geacht werden gescheiden te zwemmen. De grens van de bassins was aangegeven middels palen, aan elkaar geregen door staaldraad. Daarnaast was de aanleg van plankiers, bruggetjes, een afrastering, een beerput, een badmeesterhuisje, 40 kleedhokjes en enkele sanitaire voorzieningen gepland. Dinsdag 15 augustus 1933 was voor Boxtel een gedenkwaardige dag. Toen werd het openluchtbad in park Molenwijk officieel in gebruik genomen. Het bestuur van “De Boxtelsche Bad- en Zweminrichting” werd, volgens burgemeester Van Beek, belast met de exploitatie van een der best ingerichte bad- en zwemgelegenheden in Brabant. Dat in de jaren veertig het natuurbad in een behoefte voorzag, bleek uit het aantal bezoekers. Er waren jaren dat men per seizoen meer dan 15.000 badgasten telde met soms dagen van 750 bezoekers, waaronder kinderen van de lagere school, Lindenlust, De La Salle, Pagina 2 van 14

Canon van Boxtel

kampeerders, militairen, paters en zusters. Waar de mannen en in welke bassins de vrouwen moesten zwemmen stond aangegeven. Een wand tussen de bassins scheidde aanvankelijk de geslachten., dat geopend was. De duur van het seizoen, meestal van medio mei tot medio september, varieerde evenals de openingstijden. De openings-en sluitingstijd werd aangegeven door een bel. Veel jonge en oudere Boxtelaren leerden in het Molenwijkse natuurbad zwemmen. Met een hengel werden er zwemlessen gegeven. Om van het zwembad gebruik te kunnen maken, moest men zich houden aan bepaalde regels. Kinderen onder de tien jaar zonder geleide, mensen met hoofdzeer, vervuilde mensen en dronken mensen werden niet toegelaten. In de bassins mocht geen zeep gebruikt worden. Ook zij, die geen gepaste kleding droegen - dames een gesloten kostuum, heren een zwembroek die de heupen en bovenbenen omsloot- werden niet toegelaten. De “Vereeniging Boxtelsche Bad- en Zweminrichting nam in 1932 aan het begin van het zwemseizoen voor een huur van 5 gulden per jaar het openluchtbad in gebruik. In 1942 liet de NSB-burgemeester R. Thomaes weten, dat hij de huurovereenkomst met onmiddellijke ingang wilde beëindigen. Dat gebeurde ook. * Drukte in openluchtbad Molenwijk In 1945 werd de overeenkomst met de gemeente weer hersteld. De overeenkomst kon echter niet lang nagekomen worden. In 1949 bleek dat het, gezien de zeer slechte toestand van het openluchtbad en de abnormaal hoge onkosten, voor het bestuur van de “Vereeniging Boxtelsche Bad- en Zweminrichting” niet mogelijk was om het bad verder te runnen. Met ingang van het seizoen 1950 kwam de exploitatie van het natuurbad dan ook geheel in handen van de gemeente. Nog geen jaar later bleek, dat het zwembad er slecht bij lag en in het belang van de volksgezondheid, toerisme en sportbeoefening meerdere veranderingen noodzakelijk waren. Dit gebeurde ook. In de jaren 1952-1955 onderging het natuurbad Molenwijk een ware metamorfose. De bassins werden uitgediept en van waterplanten ontdaan, er verschenen nieuwe betonnen dammen, douches, toiletten, een badmeestergebouwtje, een consumptiegelegenheid, kleedhokjes, wisselcabines, een garderobe, ligweiden - een voor mannen en een voor vrouwen-, een kinderbad, twee half diepe baden en twee diepe baden, waarin een 50 meter lange wedstrijdbaan was geprojecteerd. Hierdoor was het mogelijk om in Boxtel grote wedstrijden te organiseren. Bij het diepe bad stond de springplank. Daar mocht nu wel afgesprongen worden, wat eerder vanwege een te geringe diepte van het ven niet mocht. Deze grote renovatie, modernisering en uitbreiding van het natuurbad in park Molenwijk werd afgerond met een officiële opening. Op de derde zondag van juli 1956 organiseerde de zwemvereniging Triton ’55 bij gelegenheid van deze opening een groots zwemfestijn, waaraan behalve eigen leden ook Olympische kandidaten meededen. De renovatie bleek echter niet bestand tegen het geweld van de tand des tijds. In de jaren die volgden, verschenen er steeds meer slijtageverschijnselen. Een zwembadcomité concludeerde toen, dat het beter was om in Boxtel-Oost, nabij de in aanbouw zijnde sporthal een overdekt Pagina 3 van 14

Canon van Boxtel

zwembad te bouwen in plaats van weer een renovatie van het natuurbad. Voor het zo ver was, wilde met name de Beheersraad voor Sport en Spel, die het beheer van het natuurbad op zich genomen had, het natuurbad op Molenwijk zo lang mogelijk openstellen. In de jaren 19721974 werden per seizoen nog ongeveer 24.000 bezoeken geregistreerd. Vooral kinderen maakten gebruik van het openluchtbad. Zo lang er geen nieuw zwembad was, werden met minimale kosten de meest noodzakelijke herstelwerkzaamheden uitgevoerd. De kwaliteit van het zwembadwater was een grote zorg. Ook na de renovatie in 1955. B. en W. en/of de leden van de Beheersraad vroegen zich elk jaar weer af of de kwaliteit van het zwembadwater, getekend door te veel bacteriën, rottende bladeren, uitwerpselen van vogels, etensresten, rondzwevende humusdeeltjes, algenvorming en plantengroei zodanig was, dat het medisch verantwoord was om erin te zwemmen. De vele genomen maatregelen van gemeentewege om de kwaliteit van het water te verbeteren, bleken niet afdoende te helpen en waren bovendien erg duur. Eind 1973 adviseerde de inspecteur van Volksgezondheid om het zwembad te sluiten, elders een nieuw bad te bouwen en van het Leijsenven een recreatieve vijver te maken. Maar nog in 1975 overheerste binnen de Beheersraad voor Sport en Spel de mening, dat zolang nog niet op een andere manier in de behoefte aan een goede zwemaccommodatie was voorzien, het zwembad Molenwijk, indien verantwoord, open moest blijven. In 1976 hakte de Beheersraad de knoop door en op 3 mei sloeg het zwaard van sluiten toe. De versleten sanitaire installatie van het zwembad, de chronische waterverontreiniging, de vele vernielingen van de laatste maanden, de zeer hoge kosten aan onderhoud en verversing van het water voor slechts enkele maanden zwemplezier, het advies van de Inspectie en het openstellen op 29 maart van het overdekte zwembad ‘Den Haagakker’ in de wijk Oost, deden de Beheersraad besluiten om de poort van het zwembad in het park Molenwijk voor het publiek definitief op slot te houden. Hiermee werd het lot van het eens zo riante zwembad bezegeld. Met het slopen van het zwembad verbleekte ook de naam van ‘De Eerste Boxtelsche Zwemvereniging’. Het openluchtzwembad was immers het werkdomein van deze vereniging die voor zwemonderricht zorgde, ruim baan gaf aan recreatief zwemmen, in competitie verband waterpolo speelde en op hoog niveau mee deed aan wedstrijdzwemmen. Toen de EBZV ter ziele ging, was het Triton ’55, die in 1955 het hiaat opvulde. Deze vereniging verzorgde zwemlessen voor beginnelingen en gehandicapten, organiseerde vele wedstrijden o.a. in schoonspringen, waterpolo, de Boxtelse en Brabantse kampioenschappen.

Pagina 4 van 14

Canon van Boxtel

De wielerbaan en het openluchtbad, zij zijn niet meer. Na verloop van tijd echter bood het park Molenwijk ruimte voor andere takken van sport zoals midgetgolf, jeu de boules, atletiek en vissen. 3. Midgetgolfbaan in park Molenwijk In april 1962 vroeg Nic van Hellemondt, beheerder van paviljoen Molenwijk, aan het college van B. en W. of hij in het park in de buurt van zijn paviljoen een midgetgolfbaan mocht aanleggen. Dit mocht. Het recreatieve karakter van het park werd er immers door versterkt. Op 9 augustus 1962 werd de baan door burgemeester Martien van Helvoort geopend. De verrijking van het sporten wandelpark met midgetgolfbaan ‘De Molenwijk’ juichte hij ten zeerste toe. De belangstelling om te midgetgolven groeide. Een club werd gevormd, genaamd Midget GolfClub Molenwijk. De animo om te midgetgolven was groot en algauw werden toernooien georganiseerd met wedstijden om het Boxtels en Nederlands kampioenschap. In 1975 kwam een eind aan het bloeiende bestaan van MGC Molenwijk. Al jaren wordt er in het park op de midgetgolfbaan niet meer gespeeld. Verwaarloosd en troosteloos is dan ook de aanblik van de eens zo riant ingerichte en fraai gelegen accommodatie in sport- en wandelpark Molenwijk.

4. Jeu de boulesbaan in het park Op 4 april 1976 werd opgericht de eerste Boxtelse jeu de boulesclub, genaamd Club de Petanque de Boxtel ’t Buutje. Na enkele jaren bij het ‘Biemênneke’ te hebben gespeeld, verhuisde in `98`de nog jonge club naar het park Molenwijk, waar achter het paviljoen aan de rand van het Leijsenven een idyllisch gelegen jeu de boulesbaan lag. Naast het beoefenen van het pétanquespel, het spelen in competitieverband, het stimuleren van het spel bij dorpse en andere gelegenheden, het deelnemen aan uitwedstrijden, boulesmarathons en toernooien, organiseerde ’t Buutje allerlei activiteiten op en om de banen. Voorjaarsstormen in 1990 veranderden de banen in een chaos. Geen nood. De leden pakten het herstel rigoureus aan. Er kwamen zelfs twee nieuwe banen bij. In 2002 was de vereniging aan een nieuwe uitdaging toe en richtte zich op een andere speellocatie, gelegen bij sportcomplex De Braken. Na het vertrek van ‘t Buutje kreeg de jeu de boulesbaan in het park nauwelijks nog aandacht, waardoor de tand des tijds de gelegenheid kreeg eraan te knagen.

Pagina 5 van 14

Canon van Boxtel

5. Vissen op het Leijsenven Met het paviljoen Molenwijk als clublokaal werd op 22 mei 1937 de ‘Boxtelsche Hengelsportvereeniging Ons Genoegen’ opgericht. In dezelfde maand richtte de voorzitter van deze club zich tot het college van B. en W. met de vraag of het Leijsenven te huur was. Het gemeentebestuur stond niet onwelwillend tegenover het idee om van een deel van het Leijsenven een visvijver te maken. Ondanks het negatief advies van de Inspecteur van Volksgezondheid M. Schuursma in Breda, die op het gevaar van ratten wees, besloot de gemeenteraad om het deel van het Leijsenven dat niet gebruikt werd door de Boxtelsche Bad- en Zweminrichting, te verpachten aan de visclub, mits het huishoudelijk reglement stipt werd nageleefd. In dit reglement stond, dat er geen gekookte of ongekookte aardappelen in het water mochten worden gegooid. Vissen vanuit een boot was verboden, evenals het gebruik van alcohol tijdens het vissen. Ook moest de visser zich bij het ven rustig gedragen, geen verboden vistuig bij zich hebben en ondermaatse vis terugzetten. Ook mocht hij niet te dicht bij het zwembad vissen dan wel aanstoot geven door naar de baders en zwemmers te roepen, te fluiten of te zwaaien. De officiële opening van het fraai gelegen viswater vond plaats op zaterdag 1 juni 1938. Een half jaar later bleek, dat er als gevolg van grondvuil en weinig vis er nauwelijks op het Leijsenven gevist werd. Toen echter het grondvuil door de gemeente was verwijderd en de visclub duizend pond vis in de vijver had uitgezet, werd er menig visje gevangen. De pacht van een gedeelte van het Leijsenven als viswater bedroeg f 27,50 voor een heel jaar. De grens, waarbinnen de vissers mochten vissen, werd aangegeven door paaltjes. Eind 1961 kreeg het bestuur van de visclub van de gemeenteraad te horen, dat er op het Leijsenven niet meer gevist mocht worden. Hierbij werd in het vooruitzicht gesteld dat, zodra het openluchtbad werd gesloten, het verhuren van het ven als viswater weer ter sprake zou komen. Dat gebeurde in 1976 en het verbod werd opgeheven. 6. Tennispark van De Merletten In 1932 werd door de gemeente Boxtel in het sport- en wandelpark Molenwijk een tennisbaan aangelegd. Het was een tegelbaan, omzoomd met een hoog hekwerk, een houten keetje en een klein berghokje. De tennisclubs Bens, Ready en Quick namen de tegelbaan in gebruik. De gemeente bepaalde de speeltijd, de speeldagen en de jaarlijkse huurprijs. Begin 1937 werd de Stichting tot Exploitatie van Tennisbanen, kortweg S.E.T. genoemd, opgericht. Deze Stichting had van de gemeente het recht van opstal verkregen. Dit recht verviel als de S.E.T. naliet om passende maatregelen te treffen bij ordeverstoringen en onzedelijk gedrag van de clubleden op de baan dan wel van bezoekers tijdens wedstrijden. Kort na de oprichting kon de S.E.T. de oude tegelbaan vervangen door een gravelbaan. Kort na het uitbreken van de tweede Wereldoorlog wendden de besturen van de tennisclubs Bens, Ready en Quick zich tot het college van B. en W. met de vraag of de aanleg van een tweede gravelbaan mogelijk was. Dit kon. Een derde baan volgde in 1952. De tand des tijds knaagde aan de banen en de kleedhokjes, het sanitair was verouderd en het hekwerk versleten. Kortom, redenen te over voor de S.E.T. om zich in 1966 tot het Boxtelse college te wenden met de vraag om steun voor Pagina 6 van 14

Canon van Boxtel

de bouw van een nieuw paviljoen. In 1968 kwam de S.E.T. met een eerste en in 1969 met een tweede nota. Hierin stond naast reeds genoemde gebreken, dat er een paviljoen ontbrak, geen oefenmuur was en de clubs te klein waren om de jeugd goed op te kunnen vangen. Doordat de leden verspreid waren over drie clubs en elke club slechts een baan had, waren de trainingen, speeltijden en toernooien moeilijk te plannen. Er was maar een oplossing. Dat was fuseren. Over een fusie echter bleven de meningen verdeeld. Flang met veel oudere leden bleef halsstarrig nee zeggen. De tennissport in Boxtel had behoefte aan een modern tenniscomplex. De vraag was. Wie betaalt dit. De S.E.T. kon dit niet. Wie dan wel. De gemeente? De tennissport in Boxtel zou een extra glans krijgen als de gemeente ‘om niet’ het tenniscomplex van de Stichting overnam en zich tevens garantzou stellen voor de bouw van een paviljoen en een oefenmuur, de renovatie van de bestaande banen, de aanleg van een vierde baan, alsmede het onderhoud van het hele complex. En dit alles tegen een redelijke huurprijs. Wat de fusiegedachte betreft, was het tij gekeerd. Nagenoeg alle leden, ook die van Flang zagen de wenselijkheid en noodzaak van fuseren in. Het resultaat was, dat op 6 januari 1970 de oprichtingsvergadering plaatsvond van de Lawntennisvereniging De Merletten, kortweg LTV De Merletten, genoemd naar de heraldische vogel, ontleend aan de eendjes in het gemeentewapen van Boxtel. In hetzelfde geboortejaar sloot het bestuur van De Merletten met de gemeente een akkoord over de aanleg van een nieuw tenniscomplex in het sport- en wandelpark Molenwijk: zeven nieuwe, goed gedraineerde gravelbanen, een oefenmuur, een houten paviljoen op een stenen fundering met terras en een behoorlijke kleedaccommodatie met toiletten. Op 1 april 1971 werd het nieuwe tennispaviljoen geopend. In 1977 telde de vereniging ca. 600 leden, die gebruik maakten van het paviljoen. De ontspanningsruimte was dan ook te klein, evenals de was- en kleedgelegenheid. Het oude houten gebouw maakte plaats voor een in steen opgetrokken bouwwerk. Op zaterdag 29 maart 1980 werd het nieuwe en moderne tennispaviljoen officieel in gebruik genomen Jarenlang speelden de leden van tennisvereniging De Merletten op gravelbanen. In 1988 werd op meerdere banen het gravel vervangen door kunstgras: uniek in Nederland en een schot in de Merlettenroos. Het tennispark van De Merletten was een van de eerste accommodaties in Nederland met een volledige kunstgrasvoorziening. Toen in hetzelfde jaar de gemeente de omliggend grond vrijgaf, borrelde bij het bestuur van De Merletten de drang op om het tennispark uit te breiden. Dit gebeurde ook. In oktober 1994 zagen drie nieuwe banen - hekwerk en verlichting incluis - het levenslicht. De 675 leden tellende vereniging kon toen beschikken over een accommodatie met negen kunststofbanen. Van een hoerastemming was geen sprake, toen op 23 augustus 1997 vroeg in de ochtend een verzengende vuurzee het gerestaureerde tennispaviljoen volledig in de as legde. Het paviljoen brandde tot de grond toe af. Het bestuur van De Merletten zat niet bij de verbrande pakken neer en benoemde diezelfde dag een commissie, welke voortvarend tewerk ging. Om aan het benodigde geld te komen, werden er vele activiteiten op touw gezet. Het resultaat was, dat er genoeg geld op tafel kwam. Na goedkeuring van het ontwerp kon in februari 1998 de WSD, geholpen door vrijwilligers, beginnen met de nieuwbouw. Enkele maanden later kon een geheel nieuw tennispaviljoen in gebruik genomen worden.

Pagina 7 van 14

Canon van Boxtel

7. Sportcomplex MEP In 1935 werd de Mixed Hockeyclub MEP, de Latijnse benaming voor Mihi Est Pila, d.w.z. Ik heb de bal, opgericht. De club speelde aanvankelijk aan de Schijndelse Dijk, op een veld dat door de leden met hark en schop bespeelbaar werd gehouden. Een oude autobus diende als clublokaal benevens opslagruimte. Dus richtte het bestuur van de Boxtelse club zich tot het college van B en W. met de vraag naar een geschikt terrein. Het college was genegen om een stuk grond gelegen in het park Molenwijk tussen het Leijsenven en het voetbalveld van ODC te bestempelen als hockeyveld. Om dit veld goed bespeelbaar te krijgen moest er veel gebeuren. Binnen een relatief korte tijd verrees er in het park Molenwijk een vergroot en redelijk bespeelbaar hockeyveld, waarvan de officiële opening plaatsvond op zondag 29 september 1936. Kort daarna werd het kleedlokaal in gebruik genomen. Een kast en tafel vormden het meubilair. Voor de ramen hingen gordijntjes en de droogclosets met beukenhouten non contact-zittingen waren voorzien van waterkannen. Door goed gebruik van deze kannen kon men de wc’s stankvrij houden. Om het veld bespeelbaar te houden moest er door de leden het nodige werk worden verricht. Wild en te lang gras, onkruid en mollen bedreigden de grasmat. Plukken, kruipen, maaien, steken, harken sloeg de hockeyklok. Om het hockeyveld te vrijwaren van mollen werd een greppel gegraven van één meter diep en met gruis gevuld. Door de slechte afrastering gaven ook schapen en een geit ongewenste problemen. In 1943 werd een nieuw hockeyveld aangelegd, inclusief een afrastering langs de lanen. De aanleg- en de onderhoudskosten kwamen voor rekening van de hockeyclub. Eind 1947 was er sprake van een mogelijke aanleg van nieuwe hockeyvelden op het geëgaliseerde terrein van de gesloopte wielerbaan. Om over voldoende grond te kunnen beschikken voor de aanleg van twee sportvelden moest langs de noordzijde van de plaats waar de wielerbaan had gelegen een strook bos worden gerooid. Het terrein was daardoor ongeveer 13000 vierkante meter groot. Hierop werden twee sportvelden gepland. Op 2 oktober 1949 kon de eerste wedstrijd op het hoofdveld worden gespeeld. In de periode 1958-1962 besloot de gemeenteraad tot reconstructie van een bestaand speelveld, de aanleg van een derde speelveld (hoofdterrein) parallel aan de Halderheiweg, verharding van een parkeerplek met gemeentepuin voor auto’s en fietsen, de aanleg van een halfverhard oefenveldje met lichtmasten en de bouw van een nieuw kleedgebouw door de Dienst Gemeentewerken. Dit alles droeg er mede toe bij, dat in 1962 de heren promoveerden naar de eerste klasse en de dames naar de promotieklasse van de KNHB. MEP groeide en bloeide. Door het grote aantal spelende leden was er sprake van een tekort aan speelveld. Een oplossing zou zijn de aanleg van een kunstgrasveld. Hierop kon het hele jaar door getraind en gespeeld worden. Een nadeel was de hoge kostprijs. Inclusief verlichting en hekwerk moest gerekend worden op een slordige 1 miljoen gulden. Zowaar geen kleinigheid. Hoe het ook zij. Het geld kwam er en het kunstgrasveld ook, aangelegd op de plaats van het hoofdterrein. Na ongeveer drie maanden werk kon hoofdklasser MEP beschikken over een uniek, egaal, helgroen hoofdterrein, inclusief hekwerk, verlichting, tegelpad en dugouts. Op 24 september 1982 nam MEP met een reeks activiteiten het kunstgrasveld officieel in gebruik. De vernieuwingsdrang van het MEP-bestuur was hiermee niet getemd. In 1986 gaf het zijn fiat om een begin te maken met de bouw van een nieuw clubhuis. Door de inzet en werkijver van velen veranderde de 45 jaar oude houten bouwval in een riant onderkomen van steen.

Pagina 8 van 14

Canon van Boxtel

In 1996 vroeg voorzitter Jules Groenen begrip voor de aanleg van een nieuw kunstgrasveld naast het bestaande hoofdveld. Het was in een tijd, dat het geldpotje van de gemeente niet toereikend was om een kunstgrasveld te financieren. Een eigen bijdrage van MEP van rond de 100.000 gulden was noodzakelijk. Hiertoe werden allerlei activiteiten op touw gezet variërend van een wijnavond, een cabaret, een loterij, een flipperkast-actie, een bodyline, een taartenverkoop tot een marmottenrace toe. Het resultaat was, dat MEP een goed bespeelbaar kunstgrasveld, naast het bestaande hoofdveld, rijker werd. Enkele jaren later stond de wens van een waterveld op de plaats van het hoofdterrein hoog op de verlanglijst. In september 2002 werd het nieuwe, moderne waterveld met een computergestuurde sproei-installatie in gebruik genomen. Dit was een mijlpaal in de toch al bloemrijke historie van MEP. In 2006 kwam er een klein kunstgrasveld voor het grote aantal mini’s. Mede door de realisering van een waterveld, twee kunstgrasvelden, een oefenveld, een miniveld, een kantine met een bruin café en tal van andere voorzieningen in het sport- en wandelpark Molenwijk, beschikt MEP thans over een accommodatie die voldoet aan de eisen van een moderne sportvereniging. Mede hierdoor hebben vele sporters het MEP-shirt mogen dragen en talrijke sportliefhebbers kunnen genieten van de hockeysport in Boxtel. 8. Van en om het ODC-voetbalveld Op 8 mei 1925 werd in Boxtel opgericht de Rooms Katholieke Voetbalvereeniging ‘Hollandia’. Van boer Van Esch werd voor een gulden in de week een veld langs de Renbaan gehuurd. Op verzoek van de Katholieke Bond veranderde de naam Hollandia in RKVV Lenig en Snel. Enkele jaren later werd van dezelfde boer een veld, gelegen tussen de Braken en de Tongerensestraat een veld gehuurd voor drie gulden in de week met dien verstande dat de eigenaar het recht behield om er op een doordeweekse dag koeien op te laten grazen. Onderhoud van het veld hield dan ook in mest ruimen. In de jaren 1930-1931 beschikte Lenig en Snel over te weinig spelers. Nu bestond er in die tijd in Boxtel nog een andere voetbalclub, de Botermênnekes genaamd. Deze club opereerde eveneens op een smalle basis en zocht aansluiting bij een andere club. Voor de hand lag een fusie met Lenig en Snel. Tijdens een bijeenkomst in café Nooten in de Van Salmstraat werd de gefuseerde club genoemd: de Rooms Katholieke Voetbal Vereeniging Overwinning Door Combinatie, afgekort de RKVV ODC. De kleur werd rood, wit, blauw. Naast een naams-en kleurwijziging veranderde de club ook van veld. Op 1 september 1933 stond er in de Boxtelsche Courant een advertentie, met de mededeling dat van de gemeente kon worden gehuurd het voetbalterrein in het Sport- en Wandelpark Molenwijk. Enkele dagen later wees het college van B. en W. het nieuwe voetbalveld toe aan ODC.

Pagina 9 van 14

Canon van Boxtel

Op 8 september 1933 stond er in de Boxtelsche Courant. “Het Burgerlijk Gezag in onze gemeente heeft ook nu weer getoond, alles te willen doen, wat het belang der Roomsche jeugd dienen kan. Daarvoor past een woord van dank; maar daardoor ontstaat ook voor ODC de plicht, om te beantwoorden aan de verwachtingen, die men van Katholieke Sporters koesteren mag. De ouders moeten weten, dat de zedelijke en godsdienstige belangen hunner jongens bij de bijna honderd leden tellende R.K. Voetbalvereeniging ODC veilig zijn”. Op zondagmiddag 17 september 1933 werd het voetbalveld op feestelijke wijze in gebruik genomen. Nauwelijks was het veld ingespeeld of rector Vissers vroeg om langs de openbare * Afscheid Adri van de Laak bij ODC en 600ste wedstrijd Eddy de Windt Weg een betonnen schutting te plaatsen en tevens een kleedruimte te bouwen. Het college zag de wenselijkheid van een betonnen schutting in en liet deze plaatsen. Het bouwen van een kleedgelegenheid bleef bij een voornemen. Pas toen gemeld werd dat de club aan de competitie van het seizoen 1936/1937 met drie elftallen wilde deelnemen en de bezoekende spelers zich moesten omkleden in een autobus, liet de gemeenteraad bij het voetbalveld, onder voorwaarde dat erin geen thee gedronken werd, een kleedhuisje bouwen. Tijdens de oorlogsjaren 1940-1945 viel er op voetbalgebied weinig te beleven. De competitie werd op sobere wijze voortgezet. Tal van spelers moesten voor de Arbeitseinsatz naar Duitsland. Om de eigendommen in de club te kunnen bewaren werd de RK Sportvereeniging ODC opgericht, mede ook omdat er naast voetballen een afdeling atletiek, korfbal en handbal kwam. Kort na de oorlog werd de afrastering vernieuwd en er werd een zandtribune aangelegd. Meer dan twintig arbeiders met een uurloon van 60 cent hebben hieraan in DUW- verband gewerkt. Die bood plaats aan ongeveer 2700 toeschouwers en werd in december 1949 voltooid. Het was ook in deze tijd, dat ODC de beschikking kreeg over het oude MEP-terrein bij het paviljoen Molenwijk en dit als oefenveld ging gebruiken. In 1950 bestond de voetbalclub 25 jaar. Men begon met de bouw van een overdekte zittribune langs de westzijde van het hoofdterrein. Onder de tribune met 300 zitplaatsen was een ruimte voor scheidsrechters en twee kleedkamers met douches en toiletten gepland. Ook de ODC’ers hadden hun handen uit de mouwen gestoken en hadden de houten keet, die aan de oostzijde van het veld stond, verbouwd in een clubhuis, dat gezien mocht worden. Eind 1953 sloot de gemeente met de RK Sportvereeniging ODC een nieuwe huurovereenkomst. Hierin stond onder andere dat de club het alleenrecht kreeg voor de verkoop van ijs en andere versnaperingen tijdens wedstrijden, de politie en het Lager Onderwijs af en toe gebruik mochten maken van het veld en alle voorzieningen, die de laatste jaren waren aangelegd eigendom van de gemeente werden. Ook nam de gemeente het onderhoud van het hele voetbalcomplex, uitgezonderd de kantine, voor haar rekening. ODC beschikte over een voor die tijd goede accommodatie met een prima uitstraling. Dat bleek temeer in de jaren vijftig. Op grond van de uitstekende conditie van het sportpark, de gunstige ligging, de fraaie entourage en de geschikte outillage werd door de Koninklijke Nederlandsche Voetbalbond het terrein uitverkoren als trainingscentrum voor het Nederlands elftal. Als voorwaarden werden gesteld, dat er een stenen oefenmuur moest Pagina 10 van 14

Canon van Boxtel

komen, de lichtmasten langs het zijterrein aangepast moesten worden en de was- en douchegelegenheid verbeterd moesten worden. Vanaf augustus 1956 werd er in het park getraind en gespeeld. Een jaar later liet de KNVB weten geen gebruik meer te willen maken van het oefenveld van ODC en vertrok. Ruim een halve eeuw later getuigt de oefenmuur aan de zuidkant van het zijterrein nog steeds van de Oranjeperiode op Boxtelse bodem. Voetbalclub ODC groeide en groeide. Het aantal elftallen nam toe en er ontstond behoefte aan uitbreiding van de accommodatie. Het hoofdveld, het oefenveld en het half-verharde veldje langs de Eikenlaan boden te weinig speelruimte. Dit veranderde in 1962. Toen werd het aan de visvijver gelegen terrein op het Essche Heike in gebruik genomen. Wat de accommodatie betreft, was het in de jaren zestig niet zo best gesteld met de kantine, annex kleed- en wasgelegenheid bij het hoofdveld van ODC. Het houten gebouwtje op Molenwijk, waar ODC al meer dan 30 jaar gebruik van maakte, was te klein en totaal versleten. Benevens ontsierde het mede de entree van het sport- en wandelpark. ODC was hard toe aan een nieuw gebouw, dat wil zeggen een clubhuis met kantine en andere voorzieningen. Begin 1966 werd besloten om een nieuw clubhuis te bouwen, ook voor Voetbalvereniging Boxtel. In beginsel kon de nieuwe kantine, annex kleed-en doucheruimte komen te staan op de plaats van het oude versleten gebouwtje. Het complex bestond uit een café, een bestuurskamer, een keuken, een scheidsrechters-ruimte en een kleed- en wasgelegenheid. De officiële opening vond plaats op 20 maart 1971. Toen ODC in 1975 met niet minder dan 800 leden en 31 elftallen in competitieverband haar gouden bestaan vierde, legden eigen leden rondom het hoofdterrein een tegelpad aan en bouwden ze een kamer voor besturen en scheidsrechters achter de overdekte hoofdtribune. Tien jaar later, bij het 60-jarig bestaan in 1985 * 1987: Grote beurt hoofdveld ODC. Inzetje: Aftrap door volgde de overkapping van de burgemeester Paul Pesch op de vernieuwde grasmat staantribune en werden de zitbanken van de hoofdtribune lange vervangen door 302 moderne rood-wit-blauwe kuipstoeltjes. Eind jaren tachtig werd het hoofdterrein ontsierd door een armetierige grasmat, vol mos, kuilen, bulten en zanderige plekken. Onderzoek wees uit dat het hele veld gefreesd en gemengd met rivierzand diep omgespit moest worden, waarna egaliseren, beluchten en opnieuw inzaaien de klok sloeg. Een heel karwei. Op 17 juli 1990 vond in aanwezigheid van burgemeester Rombouts, het bestuur van ODC en enkele genodigden de oplevering plaats van het vernieuwde hoofdterrein. “Ik hoop, dat de grasmat jarenlang goed blijft. Voor het onderhoud is nu de WSD verantwoordelijk”, zei voorzitter Broer van Houtum, waarna de overdracht van de accommodatie aan ODC plaatsvond. De nieuwe tribune was een geschenk van de familie Wagenaars ter nagedachtenis aan wijlen Henk Wagenaars, die ruim 50 jaar lid was van ODC. Vanwege zijn gespierd lichaam en ijzeren inzet werd aan de tribune als eerbetoon de naam “Pantserhoek” gegeven. In de loop der jaren zijn daarna aan het hoofdterrein en het zijterrein bij het Leijsenven tal van veranderingen aangebracht. Het aanzien van de accommodatie in park Molenwijk veranderde, mede afhankelijk van de tijdgeest en de vrijwillige inzet van velen. ODC kende vele hoogtepunten. Kende echter ook enkele zwarte bladzijden. Een daarvan was de brand in januari 2009. Een deel van de kantine en alle kleedlokalen aan de Platanenlaan gingen toen in vlammen op. Pagina 11 van 14

Canon van Boxtel

ODC, met zijn vele elftallen, leden en sympathisanten, met zijn evenwichtige mengeling van prestatie- en recreatiegericht voetbal, met zijn vele nevenactiviteiten mag een unieke vereniging genoemd worden. Vooral ook vanwege het feit, dat het een van de weinige voetbalverenigingen in Nederland is, die beschikt over twee gescheiden accommodaties. Een ervan is gelegen in het sportpark Molenwijk. 9. Schaatsen op Leijsenven Het sport- en wandelpark Molenwijk was in de winter, als op het Leijsenven een dikke laag ijs lag, het domein van schaatsend Boxtel. Sinds het begin van de jaren dertig bestond de IJsclub Boxtel met als doel het bevorderen van de schaatssport in Boxtel. In 1956 werd opgericht schaatsvereniging “De Hardrijders”, en een jaar later schaatsclub De Vikings. Aanvankelijk konden de verenigingen van gemeentewege uit en ook niet tegen een geringe huurprijs, beschikken over een deel van het bevroren Leijsenven. Het ven was immers de enige gelegenheid in Boxtel waar de ijssport als volksvermaak kon worden beoefend. Als een deel van het Leijsenven verhuurd zou worden aan een van de ijsverenigingen, zou het overblijvende deel te klein zijn voor het schaatsminnende Boxtelse publiek, meende de gemeenteraad. Op de vraag in 1957, of men over een ijsbaan op het Leijsenven kon beschikken alleen op de dag dat er wedstrijden werden gehouden, reageerde de gemeenteraad wel goedgunstig. Men kon toen een baan uitzetten, waarop door schaatsers om de eer en de trofee werd gereden. Dat de gemeenteraad minder bezwaren kreeg tegen het gebruik van het ven als wedstrijdbaan, bleek onder andere in 1963. Toen kon op het fiks bevroren Leijsenven, op een zaterdag in februari, gestreden worden om het Boxtels kampioenschap hardrijden op de schaats, zowel voor junioren als senioren. Ook in latere jaren kwamen de schaatsers, al dan niet in wedstrijdverband, aan hun trekken. Zo organiseerde De Vikings op 1 februari 1987 voor 135 schaatsers een tocht van 10, 20, 40, 60 of 80 km en in 1991 wedstrijden om het schaatskampioenschap van Boxtel. In het Brabants Centrum van 7 januari 1993 stond: Zo bood het Leijsenven zondagmiddag een ouderwets winters schouwspel. Krassende botjes, zwierige kunstschaatsen, sportieve hockey-ijzers en snerpende noren. Hier en daar trokken opa’s sleetjes en duwden wankele kinderen stoelen over het ijs. Ook de koek- en zopietent ontbrak niet. Ondanks koude oren en prikkende wintertenen was het ijspret als vanouds.

Pagina 12 van 14

Canon van Boxtel

10. Atletiek Tijdens de oorlogsjaren (1940-1945) werden verenigingen met een katholieke signatuur door de bezetter ontbonden. Bij ODC leidde dit tot de oprichting van een neven-atletiek vereniging, welke algauw een honderdtal leden telde. Hardlopen en hordelopen, verspringen, hoogspringen en polsstokspringen, speerwerpen, kogelstoten en discusgooien, dit alles vond plaats in park Molenwijk, vlakbij het paviljoen. De wedstrijden zelf werden zo mogelijk gehouden op het hoofdterrein van ODC Zeven jaar na de oprichting werd de club vanwege zijn gemengde structuur opgeheven. Pas in 1964 kreeg de atletiekvereniging Marvel gestalte. Deze naam was afgeleid van het Engelse woord marvelous, hetgeen uitstekend dan wel keigoed betekent. Aanvankelijk vonden de trainingen en onderlinge wedstrijden van Marvel plaats in het sporten wandelpark. Ruimtegebrek en gemis aan bepaalde voorzieningen noopte de club tot een verhuizing naar het Essche Heike, om uiteindelijk terecht te komen op Munsel. 11. Korfbal Naast een atletiekclub werd door ODC in het begin van WO II een korfbalafdeling opgericht. Deze groeide in korte tijd uit tot drie twaalftallen. Voor thuiswedstrijden werd gebruik gemaakt van het voetbalveld dan wel het aangrenzende hockeyveld. In de korte tijd van haar bestaan wist het eerste twaalftal op te klimmen van de derde naar de eerste klasse van de Gewestelijke Bond. Na een succesvolle periode werd kort na de oorlog de korfbalclub opgeheven. Voor de hogere geestelijkheid was de gemengde samenstelling van de club een teken van geestelijk verval. 12. Wandeltochten Sinds 1956 organiseerde de Sport- en Ontspanningsvereniging van de Reserve Politie te Boxtel jaarlijks een wandeltocht. Zo ook op 8 juni 1963. Start en finish vonden plaats in het volkspark Molenwijk en niet zoals te doen gebruikelijk op de markt in Boxtel. Het park bood voldoende ruimte voor de meer dan 1300 wandelaars. Het halfverharde terrein bij paviljoen Molenwijk was een geschikte plek voor het formeren van een groot aantal wandelgroepen. Daarnaast bleek het pleintje bij het paviljoen een geschikte plaats te zijn voor het afnemen van een defilé. Prijzen en trofeeën werden veelal uitgereikt in het paviljoen. Dat in 1963 menig wandelaar na afloop een frisse duik in het gemeentelijk zwembad zou nemen, hetgeen in de programmaboekjes werd aanbevolen, lag in de lijn der verwachtingen.

Pagina 13 van 14

Canon van Boxtel

13. Wandelpark Molenwijk Park Molenwijk is een goed toegankelijk park. Twee strakke statige lanen - de Eikenlaan en Platanenlaan - voeren naar het centrum van het in Engelse landschapstijl ontworpen park. Een wijds open park is het, dat wandelaars aantrekt. De verscheidenheid aan planten en struiken, de grote variatie aan al dan niet alleenstaande exotische en inheemse bomen met een indrukwekkend majestueus karakter, de speelse wandelpaden, de dichte bosschages en verscholen waterpartijen, de bruggetjes en eilandjes, de sportvelden en speelweiden, een dierenpark met bijenstal, een paviljoen, een slapende redoute en een rustiek Leijsenven. Het zijn markante elementen van een uniek Boxtels gebied. Het park Molenwijk is een echt volkspark. * Dierenpark De Groene Warande

Bronnen Laere, Roger van en Oers, Piet van, Molenwijk, een bijzonder park, Boxtel, 2009 *Auteursrecht foto’s: Nieuwsblad Brabants Centrum, Boxtel - © Piet van Oers

Pagina 14 van 14

Life Enjoy

" Life is not a problem to be solved but a reality to be experienced! "

Get in touch

Social

© Copyright 2013 - 2018 TIXPDF.COM - All rights reserved.