Veiligheid- en gezondheidsbeleid


1 Veiligheid- en gezondheidsbeleid Kinderdagverblijf de Kei Rodenweg NH, Mill Geactualiseerd op:2 Inhoudsopgave Inleiding Kwaliteit coördinator V...
Author:  Fanny Brander

0 downloads 4 Views 2MB Size

Recommend Documents


Veiligheid- en gezondheidsbeleid
1 Veiligheid- en gezondheidsbeleid K w a l i t e i t s h a n d b o e k D e K l e i n e W e r e l d Veiligheid- en gezondheidsbeleid2 Veiligheid- en ge...

Veiligheid & Gezondheidsbeleid
1 Veiligheid & Gezondheidsbeleid 12 Inhoud Inleiding... 3 Introductie... 3 Missie, visie en doel... 4 Onze missie... 4 Onze visie:... 4 Ons doel:....

Veiligheid- en gezondheidsbeleid. BSO De Wonderwereld
1 Veiligheid- en gezondheidsbeleid K w a l i t e i t s h a n d b o e k D e K l e i n e W e r e l d Veiligheid- en gezondheidsbeleid BSO De Wonder w er...

Veiligheid- en gezondheidsbeleid Januari Kinderdagverblijf LIEF
1 1 Veiligheid- en gezondheidsbeleid Januari 2018 Kinderdagverblijf LIEF2 2 Inhoud Blz. 1 Inleiding Blz. 2 Uitgangspunten Blz. 3 Omgaan met grote risi...

Veiligheid en gezondheidsbeleid Stichting Quo Vadis
1 Veiligheid en gezndheidsbeleid Stichting Qu Vadis Pagina 12 Inhudspgave Inleiding... 3 Visie p veiligheid... 4 Uitgangspunten... 4 De nderwerpen bin...

Veiligheid & Gezondheidsbeleid Kinderopvang Borne. Buitenschoolse opvang
1 Veiligheid & Gezondheidsbeleid Kinderopvang Borne Buitenschoolse opvang2 Inhoudsopgave Hoofdstuk Pagina Inleiding Introductie 3 Missie, visie en...

Inspraaknotitie Wmo en gezondheidsbeleid
1 Inspraaknotitie Wmo en gezondheidsbeleid Gemeente Afdeling Samenleving, team Beleidsontwikkeling 8 november2 Inhoudsopgave Vooraf: een nieuw geluid ...

*Veiligheids- en gezondheidsbeleid
1 Veiligheids- en gezondheidsbeleid 1 januari 2018 Per kindercentrum is er een veiligheids- en gezondheidsbeleid opgesteld. Dit beleid zorgt er mede v...

Hygiëne en gezondheidsbeleid
1 Hygiëne en gezndheidsbeleid Cde: 4.2.D1 Dcument Inleiding Heemhuysen en de inrichting daarvan verkeren in zindelijke staat. Hygiëne is ger...

Veiligheid & Gezondheidsbeleid Kinderopvang Hof van Twente. Buitenschoolse opvang
1 Veiligheid & Gezondheidsbeleid Kinderopvang Hof van Twente Buitenschoolse opvang2 Inhoudsopgave Hoofdstuk Pagina Inleiding Introductie 3 Missie,...



Veiligheid- en gezondheidsbeleid

Kinderdagverblijf de Kei Rodenweg 3 5451 NH, Mill Geactualiseerd op: 19-10-2018

Inhoudsopgave  

Inleiding Kwaliteit coördinator

Veiligheidsbeleid  Inleiding  Grote risico’s en maatregelen algemeen  Grote risico’s en maatregelen per ruimte  Brandveiligheid  Geld erkend EHBO certificaat  Voorkomen van grensoverschrijdend gedrag  Vier ogen principe  Achterwachtregeling  Meldcode kindermishandeling  Veiligheid en privacy  Kinderen leren om te gaan met kleine risico’s  Plan van aanpak Gezondheidsbeleid  Inleiding  Het voorkomen van (de verspreiding van) ziektekiemen  Schone speel- en leefomgeving  Zieke kinderen  Textiel  Allergieën  Een gezond binnenklimaat  Frisse lucht  Een gezond buitenmilieu  Kinderen leren omgaan met gezondheidsrisico’s

Bijlagen  Het schoonmaakschema  Actielijst veiligheid en gezondheid  Actualiseren veiligheid- en gezondheidsbeleid

2

Inleiding Met ingang van 1 januari 2018 hebben wij een veiligheids- en gezondheidsbeleid opgesteld. Het doel van het beleid is om kinderen, medewerkers en ouders een veilige en gezonde speel- en leefomgeving te bieden waarbij eventuele risico’s tot een minimum beperkt worden. Het beleid wordt continue geactualiseerd en bijgewerkt. Zo blijven we scherp en kunnen we ook bij veranderingen in de omgeving of situatie, zoals bij verbouwingen of veranderingen in de inrichting, beschikken over een beleid dat direct toegepast kan worden. We kunnen met dit plan niet alle incidenten voorkomen. Er kan altijd iets misgaan. Daarom vinden wij het belangrijk dat we naast een actueel beleid ook kinderen leren om op een goede manier met risico’s om te gaan. Het zijn leermomenten die zij ook thuis kunnen toepassen. Mocht u aanvullingen hebben of tegen iets aan lopen dat in het beleid moet worden opgenomen, dan horen we dat heel graag. We staan altijd open voor suggesties om het verblijf nog veiliger en gezonder te maken. Het actuele beleid zal voor medewerkers altijd op de groep beschikbaar zijn en op de website wordt dit beleid ook up to date gehouden voor ouders.

Kwaliteit coördinator Om het beleid op het gebied van veiligheid en gezondheid te bewaken hebben wij een coördinator die de kwaliteit op het gebied van het beleid en de uitvoering van dit beleid controleert, bijstelt en handhaaft. De kwaliteit coördinator bij ons kinderverblijf is: Rowan van Gemert. Rowan is de mede eigenaresse van het kinderdagverblijf. Ze is zowel op de groep als op kantoor werkzaam.

3

Veiligheidsbeleid Inleiding Het veiligheidsverslag is een beknopte en overzichtelijke samenvatting van alles wat er binnen het kinderdagverblijf op het gebied van (brand)veiligheid is gebeurd. Het is een levend document dat ieder kwartaal en bij bijzonderheden zoals een verbouwing, verandering van de inrichting of na een incident wordt aangepast. In het veiligheidsbeleid zijn, conform de afspraken binnen de Kwaliteit en Innovatie Kinderopvang 2018, worden de grootste risico’s en maatregelen op het gebied van veiligheid en incidenten opgenomen. Als bijlage is een actualisatielijst toegevoegd waarin wij aangeven wanneer het beleid voor het laatst is aangepast en wat de reden voor deze aanpassing is geweest.

Grote risico’s en maatregelen algemeen Het doel van het beleid is om grote risico’s te benoemen en aan te geven welke maatregelen we hebben genomen om incidenten te beperken of te voorkomen. Hieronder hebben we voor ons de belangrijkste grote risico’s beschreven. Tevens hebben we erbij beschreven, wat wij er aan doen om dit risico te voorkomen en hoe wij handelen als zich onverhoopt een ongeval of ongewenste situatie voordoet. 1) Kind komt met vingers tussen de deur Alle deuren die een risico vormen zijn beveiligd middels veiligheidsstrips, dit geldt voor beide kanten van de deuren in ruimtes waar kinderen komen. Deze worden ieder kwartaal gecontroleerd op beschadigingen en werking. Indien nodig worden deze vervangen. 2) Kind komt in aanraking met elektriciteit De stopcontacten zijn niet binnen handbereik van de kinderen. Alle stopcontacten zijn geaard en zijn kindveilig. Daarnaast voorkomen wij zoveel mogelijk de aanwezigheid van losse snoeren en maken wij gebruik van kabelgoten. Elektrische apparaten worden indien deze niet door de kinderen bediend of gebruikt mogen worden, buiten handbereik geplaatst. Zie ook “leren omgaan met risico’s”. 3) Struikelen en uitglijden Om te voorkomen dat kinderen, medewerkers of ouders struikelen of uitglijden zorgen we ervoor dat er een open speelruimte is gecreëerd waarbij vaste meubels niet in het looppad of centraal in de speelruimte worden geplaatst. We maken op de groep wel gebruik van speelkleden, deze worden zo neergelegd dat er geen sprake kan zijn van hinder in het 4

looppad. Natte plekken op de vloer worden direct drooggemaakt en speelgoed dat niet gebruikt wordt moet worden opgeruimd. Zie ook “leren omgaan met risico’s”. 4) Bezeren aan oneffenheden in muren en meubilair Wij blijven het kinderdagverblijf controleren op oneffenheden in muren, zoals uitstekende spijkers en schroeven. Oneffenheden die het risico vormen dat kinderen zich hieraan bezeren, worden direct verwijderd. Ook wordt het meubilair gecontroleerd op scherpe hoeken, randen of beschadigingen die een risico vormen. Is dit het geval dan wordt er direct actie ondernomen om dit te verhelpen of het meubilair wordt verwijderd. Het meubilair dient degelijk en veilig te zijn. 5) Kind valt door glazen ruit Dit is bij ons uitgesloten. Alle ramen zijn kindveilig. 6) Kind bezeert zich aan speelgoed Het speelgoed is afgestemd op de juiste leeftijdsgroep en dient veilig te zijn. Kapot speelgoed dat een risico vormt waarbij kinderen zich kunnen bezeren of kleine onderdelen kunnen inslikken (afhankelijk van de leeftijd) worden verwijderd of gerepareerd. 7) Kind komt in aanraking met chemische middelen of medicijnen Schoonmaakmiddelen, bestrijdingsmiddelen, medicijnen of andere chemische (gevaarlijke) producten worden buiten het bereik van kinderen opgeborgen. Ook hebben wij de afspraak gemaakt dat de tassen van de medewerkers buiten het bereik van kinderen worden opgeborgen (in de kantine). Ouders worden bij de intake hierop geattendeerd. In de huisregels van kdv de Kei, staat ook vernoemd dat ouders hun tassen niet zonder toezicht op de groep mogen zetten. Ruimtes waar kinderen geen toegang toe hebben, zoals: de kantine, opbergruimtes, de wasruimte en kantoor, zijn indien mogelijk afgesloten. Zie ook “leren omgaan met risico’s”. Alle pedagogisch medewerkers beschikken over een EHBO diploma, zij weten hoe te handelen, wanneer bovenstaande situatie voordoet. Ook hebben wij handboeken op de Kei liggen, waarin we de informatie altijd terug kunnen vinden. 8) Kind wordt vermist Het grootste risico dat een kind vermist wordt is tijdens breng- en haalmomenten. We zorgen ervoor dat kinderen altijd onder toezicht buiten zijn, de deuren en hekken van de buitenruimte zijn ook gesloten. Ook zijn er afspraken gemaakt met de ouders of verzorgers wie de kinderen ophalen. Zonder nadrukkelijke toestemming van de ouders wordt een kind nooit aan een ander persoon (dan is afgesproken) meegegeven. Kennen wij de persoon niet die het kind op komt halen, dan willen we eerst een recente foto ontvangen van de ouders of verzorgers. Daarnaast zorgen we ervoor dat er conform de wettelijke eis voldoende pedagogisch medewerkers aanwezig zijn die toezicht houden. Zij weten altijd welke en hoeveel kinderen er in de groep aanwezig zijn. 5

9) Een kind verbrandt zichzelf Hete dranken worden niet in het directe bijzijn van kinderen genuttigd of geplaatst. We plaatsen hete dranken altijd op een zo veilig mogelijke plek die niet binnen handbereik van de kinderen is (op het fornuis, achter de beveiliging). Wanneer kinderen een bekertje thee willen, zorgen we dat dit lauw/warm water is en nooit gekookt water.

Grote risico’s en maatregelen per ruimte Entree Hieronder beschrijven wij de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot de ingang / entree van het kinderdagverblijf. Lamp wordt stuk gegooid en glas valt naar beneden  Afspraak: Binnen niet gooien met voorwerpen. Kind eet sigaretten of medicijnen uit de tas van een ouder of leidster  De pedagogisch medewerker zet haar tas altijd in de kantine, hier kunnen kinderen niet komen.  Afspraak: Ouders mogen hun tas niet op de grond neerzetten of rond laten slingeren. Kind stopt kleine voorwerpen in de mond  Kinderen onder het jaar mogen geen haarspeldje in.  Berg kleine voorwerpen op in een afgesloten bakje.  Laat peuters alleen met kleine voorwerpen spelen op de hoge tafel zodat kleine kinderen er niet bij kunnen. Daarna altijd de vloer controleren op kleine voorwerpen.  Afspraak: Voordat kinderen op de grond gaan spelen, zelf even over de grond kruipen en kijken of er geen kleine voorwerpen liggen.  Wanneer je met de peuters met kleine kralen rijgt, doe je dit in de kantine aan tafel (hier kunnen kleine kinderen niet komen). Altijd toezicht houden zodat de kinderen niet kunnen rondlopen in de kantine.

Opberg- / schoonmaakruimte Hieronder beschrijven wij naast de algemene risico’s en maatregelen de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot opberg- en schoonmaakruimten van het verblijf. 

Kinderen hebben geen toegang tot opbergruimten en schoonmaakruimten. Deze zijn afgesloten om te voorkomen dat kinderen in aanraking komen met onder andere chemische stoffen.

Keuken Hieronder beschrijven wij naast de algemene risico’s en maatregelen de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot de keuken van het verblijf. 6

Alle medewerkers beschikken over een EHBO en BHV diploma, hierdoor weten pedagogisch medewerkers hoe te handelen bij verbranding. Een kind verbrandt zichzelf aan het fornuis  Voor beide fornuizen hebben we een fornuisrek geplaatst voor bescherming, zodat kinderen er niet bij kunnen.  Tevens zorgen medewerkers er bij het koken voor dat ze de achterste pitjes gebruiken. De pannen worden niet met de steel naar ‘buiten’ gezet, zodat kinderen de steel niet kunnen pakken. Kind krijgt hete thee over zich heen  Hete dranken worden niet in het directe bijzijn van kinderen genuttigd of geplaatst. We plaatsen hete dranken altijd op een zo veilig mogelijke plek die niet binnen handbereik van de kinderen is.  Geen thee drinken als kinderen op schoot zitten.  Geen tafelkleden gebruiken.

Groeps- /leefruimte Hieronder beschrijven wij naast de algemene risico’s en maatregelen de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot de groeps- / leefruimte. Kind eet sigaretten of medicijnen uit tas van een ouder of leidster  De pedagogisch medewerker zet haar tas altijd in de kantine, hier kunnen kinderen niet komen.  Afspraak: Ouders mogen hun tas niet op de grond neerzetten of rond laten slingeren. Lamp wordt stuk gegooid en glas valt naar beneden  Afspraak: Binnen niet gooien met voorwerpen. Kind klimt uit de box door op speelgoed te gaan staan  Speelgoed dat als opstapmogelijkheid kan dienen uit de box halen.  Oudere kinderen die uit de box kunnen klimmen niet meer in de box zetten. Kind valt tijdens het in of uit de kinderstoel klimmen  Kinderen onder begeleiding de stoel in en uit laten klimmen. Laat kinderen nooit zonder toezicht in een kinderstoel. Kind valt uit de (kinder)stoel  Afspraak: De beweeglijke kinderen naast de leidster plaatsen en het riempje aan doen. Tevens zetten we de beweeglijke kinderen in een stoel met een tuigje, deze riempjes zijn veiliger.

Kind valt met kinderstoel en al om doordat het zich afzet tegen de tafel  De kinderstoel wordt ver genoeg van de tafel geplaatst. 7



Wanneer andere kinderen vrij spelen, blijf je altijd bij het kind in de kinderstoel, zodat deze bv. niet omgeduwd kan worden. Wanneer de medewerkers in deze situatie gaan lopen, wordt het kind uit de kinderstoel gehaald.

Kast valt om en kind komt onder de kast terecht  Plaats de zwaarste dingen onderin de kast.  Indien nodig kast verankeren aan de muur.  Afspraak: niet in de kast klimmen, vragen als je iets van de bovenste plank wilt hebben. Kind stopt kraaltjes of ander klein speelgoed in de mond  Controleer speelgoed en verwijder speelgoed dat stuk is.  Speelgoed met onderdelen kleiner dan 3,5 cm mogen niet op de groepen waarbij alle kinderen jonger dan 3 zijn.  Het speelgoed met kleine onderdelen opbergen in afgesloten bakjes.  Zorg dat kleine kinderen gescheiden van de grotere spelen. De grote kinderen kunnen bijvoorbeeld aan de tafel spelen, zodat de kleintjes er niet bij kunnen.  Als er speelgoed is waar de kleine kinderen echt niet aan mogen komen, laat de oudere kinderen er dan mee spelen als de kleintjes naar bed zijn of laat ze in de kantine bv. de kleine kralen rijgen (dit mag alleen onder toezicht).  Laat grotere kinderen hun speelgoed na gebruik goed opruimen. Speengedeelte wordt van fopspeen afgebeten en kind krijgt deze achter in de keel  Spenen regelmatig controleren op scheurtjes.  Spenen met een ring of knop aanschaffen, zodat de speen gemakkelijk uit de keel gehaald kan worden.  Wanneer een speen beschadigt is moet deze worden vervangen door ouders. Een speen die kapot is (scheur erin), mag hier niet meer worden gegeven.  Een speen wordt zonder koord gegeven, koorden met een klem aan de speen worden meteen verwijderd. Dit geldt voor zowel bij het slapen gaan als bij het spelen op de groep. Kind krijgt koordje om de nek  Koordjes en strikjes aan speelgoed mogen niet langer zijn dan 22 cm.  Stiksel van speelgoedbeest controleren of deze niet los laat. Thee van de leidster komt over een kind heen  Hete dranken worden niet in het directe bijzijn van kinderen genuttigd of geplaatst. We plaatsen hete dranken altijd op een zo veilig mogelijke plek die niet binnen handbereik van de kinderen is.  Geen thee drinken als kinderen op schoot zitten.  Geen tafelkleden gebruiken.

8

Kind stikt in stukje eten  Per leeftijd bekijken welk eten geschikt is, niet te vroeg met hard eten starten. Wanneer kinderen ± 1jaar zijn, zullen we starten met het eten van fruit en groente in stukjes. Voor de 1 jaar zal dit nog klein gemaakt worden, d.m.v. de staafmixer of wat grover prakken. Tevens snijden we fruit en groente in de lengte, zodat dit minder snel vast kan komen te zitten in de keel.  Kinderen rustig laten eten, bijvoorbeeld 1 bord met partjes fruit rond geven en om de beurt laten eten.  Kinderen laten zitten als ze eten.  Kinderen eten altijd onder toezicht van medewerker(s).

Buitenruimte Hieronder beschrijven wij naast de algemene risico’s en maatregelen de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot de buiten- / speelruimte van het verblijf. Kind wordt door een fietsend kind omver gereden  Buiten fietsen waar ruimte is.  Voldoende vrije ruimte creëren voor fietsende kinderen.  Baby’s spelen niet, waar kinderen fietsen. Baby’s spelen alleen in de babytuin of onder toezicht in de buitenruimte. Baby loopt gevaar door het opeten van steentjes of stokjes.  We hebben een aparte babyruimte ‘de babytuin’ gecreëerd, waar alleen baby’s mogen spelen. De babytuin is voorzien van kunstgras, hier kunnen/mogen geen kleine onderdelen liggen, zoals steentjes, takjes, etc.  De babytuin wordt 2 keer in de week schoongemaakt (bank, verschoonkast en schommel). De ramen worden elke maandag schoongemaakt. Tevens kijkt de schoonmaakster op vrijdag of de babytuin gestofzuigd dient te worden. Kind blijft met koordje van capuchon hangen  Kieren waarin kleding kan haken, dicht maken. Het hek blijft openstaan en een kind loopt de straat op  Afspraak: Ouders en medewerkers maken de poort altijd dicht.  Zo nodig een zelfsluitend hek plaatsen. Kind verbrandt zich in de zon  Petje en T-shirt laten dragen wanneer de zon fel is.  Kinderen onder een schaduwdoek, afdak of binnen laten spelen.  Kinderen goed insmeren met factor 50 als ze buiten in de zon spelen.  Bij temperaturen rond de 30° Celsius, spelen wij tussen 12.00 uur en 15.00 uur niet buiten in de zon.  Afspraak: kinderen regelmatig bijsmeren op een dag.

9

Kind raakt te water  Waterdiepte door regen zo ondiep mogelijk maken.  Afspraak: Altijd toezicht houden als kinderen met de waterpomp mogen spelen.  We controleren regelmatig het hekwerk. Wanneer er schade is, wordt dit meteen vervangen of afgezet, zodat kinderen nooit dichtbij het kanaal kunnen komen. Kind loopt gevaar door onveilige situaties buiten  Wij controleren wekelijks de fietsen, etc. zodat er niets kapot is. Kapot buiten speelgoed wordt of gerepareerd of weg gegooid.  Niemand kan verder het terrein buiten haal- en brengtijden opkomen, dus gevaar van onbekende personen, glasscherven, sigaretten peuken is zo goed als uitgesloten. Wel elke dag even een rondje lopen en eventueel afval of ontlasting van dieren verwijderen uit de wei. Kind bezeert zich door een beet van dieren  Kinderen mogen alleen met toezicht van een medewerker naar de dieren.  Afspraak: we maken afspraken met de kinderen om verwondingen door dieren zoveel mogelijk te voorkomen. Bijvoorbeeld, hoe kinderen om moeten gaan met de dieren en dat ze niet achter de kippen aanrennen.  Wanneer er sprake is van een bijtwond, wordt er gehandeld volgens het bijtprotocol ‘hoe te handelen bij wonden door dieren’ (dit is te vinden in de map op de groep). Kind wordt ziek door contact met dieren  De kinderen dragen altijd een overall en laarzen, wanneer ze naar de dieren gaan. De overalls worden wekelijks gewassen en de laarzen worden ook wekelijks schoongemaakt.  Na een bezoek aan de dieren worden de handen met water en zeep gewassen. Dit gebeurt ook altijd voor de eetmomenten.  Alle dieren zijn ingeënt, om ziektes te voorkomen. We hebben een zoönosen keurmerk, dit betekent dat wij voldoen aan de eisen van het GD keurmerk zoönosen (zoönosen zijn ziektes die overdraagbaar zijn van dieren op mens).

Sanitaire voorziening kinderen Hieronder beschrijven wij naast de algemene risico’s en maatregelen de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot de sanitaire voorzieningen voor kinderen . Kind draait zich van aankleedtafel af  We gebruiken altijd het aankleedkussen  Aankleedkussen met opstaande randen aan de zijkant gebruiken.  Afspraak: Altijd bij het kind blijven en lichamelijk contact houden.  Afspraak: Vooraf alle benodigdheden klaar leggen. Kind valt van het trapje van de aankleedtafel  Afspraak: kind begeleiden bij het naar boven en beneden klimmen. 10

Kind klautert zonder toezicht op de aankleedtafel  Trap altijd inschuiven  Afspraak: toezicht houden als grotere kinderen alleen naar de verschoonruimte gaan.  Afspraak: kind mag niet alleen de trap op klimmen. Kind stopt kleine voorwerpen in de mond  Kleine voorwerpen verwijderen.  Afspraak: regelmatig controleren op kleine voorwerpen.  Afspraak: Controleren of het schuimrubber van bepaalde kinderartikelen zoals aankleedkussens bereikbaar is voor kinderen.

Sanitaire voorziening volwassenen Hieronder beschrijven wij naast de algemene risico’s en maatregelen de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot de sanitaire voorzieningen voor volwassenen . 

Om te voorkomen dat kinderen in aanraking komen met (chemische) middelen of zoek raken hebben de kinderen geen toegang tot de sanitaire voorzieningen voor volwassenen. De deuren worden altijd goed gesloten en de kinderen kunnen zelfstandig de deuren niet openen (hoge klinken).

Slaapruimte binnen en buiten Hieronder beschrijven wij naast de algemene risico’s en maatregelen de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot de slaapruimte van het kinderdagverblijf. Door warmtestuwing raakt het kind oververhit  De temperatuur in de slaapkamer is altijd rond de 17°C. Kinderen liggen in een slaapzak, niet onder een dekbed. Soms onder een lakentje of een dekentje.  Tevens mogen kinderen buiten alleen slapen bij een max. temperatuur van 28 graden. De bedden staan onder de overkapping uit de zon en het moet aangenaam zijn om buiten te liggen (gevoelstemperatuur niet boven de 28 graden). De slaapkleding zal op de buitentemperatuur worden aangepast, hiervoor hebben wij passende buitenslaapzakken op de Kei.  Afspraak: Bij inbakeren wordt de goede techniek toegepast. Wanneer de kinderen gaan rollen mogen ze niet meer ingebakerd worden. Wanneer kinderen buiten slapen, wordt er een passende slaapzak aangedaan (eerst inbakeren en dan de slaapzak aandoen).  Afspraak: Bij koorts extra controleren. Kind raakt onderkoeld bij het buiten slapen  Kinderen mogen tot de temperatuur van -5 Celsius buiten slapen. Wel wordt er gekeken naar de gevoelstemperatuur buiten. Waait het bij -2 Celsius enorm en voelt het heel koud aan, kiezen we ervoor om geen kinderen buiten te leggen. Wanneer 11

   

het aangenaam voelt in de daarvoor bestemmende slaapzakken, dan worden kinderen buiten in bed gelegd. Buitenbedjes worden altijd uit de wind gedraaid. Er hangt een thermometer bij de buitenbedjes, zodat de temperatuur altijd zichtbaar is. Kinderen worden alleen buiten in bed gelegd, wanneer hier het toestemmingsformulier van ouders voor is ondertekent. Dit wordt op de groep in de map zichtbaar gemaakt. Hieronder ziet u een tabel die door de pedagogisch medewerkers wordt aangehouden bij het in bed leggen van kinderen. Dit tabel hangt in de verschoonruimte en is altijd zichtbaar voor de pedagogisch medewerkers.

Buiten temperatuur

Bedje voor verwarmen met kruik

Winterslaapzak, broek, shirt en sokken en handschoenen aan

-5 tot 0 °C

x

x

x

0 tot 5 °C

x

x

x

5 tot 10 °C 10 tot 15 °C 15 tot 20 °C

Winterslaapzak, broek, shirt en sokken aan.

x

Deken

Winterslaapzak

Dunnere slaapzak

x x

x x

20 tot 25 °C

x

25 tot 28 °C

x

Kind verslikt of stikt in kleine onderdelen  Bij de kinderen de stiekjes en haarspeldjes uit doen als ze naar bed gaan.  Naast de knuffel en de speen wordt er niets in bed gelegd. Wanneer er een koord aan de speen bevestigd is, halen wij deze eraf voor het slapen gaan. Kind raakt bekneld of bezeert zich door beschadiging van bedje  Om te voorkomen dat kinderen bekneld komen te zitten of zich bezeren, worden de bedjes altijd bij het naar bed gaan van kinderen gecontroleerd op beschadigingen en een veilige werking. Wanneer een bedje defect is, wordt hier geen kind in gelegd. Zorg ervoor dat zowel boven als onder het slotje erop wordt gezet.

Kind komt onder de dekens of in de dekbedhoes of tegen de zijkant terecht  Kind slaapt in een slaapzak zonder een dekbed. Soms wordt gebruik gemaakt van een lakentje of dekentje. Dit wordt altijd heel kort opgemaakt.

12

Baby overlijdt aan wiegendood  We laten een baby altijd op de rug slapen. Alleen met toestemming van ouders mag een kind op zijn buik slapen, maar altijd op een aerosleep matras.  Elke 10 min. gaan kijken bij de kinderen die op bed liggen.  Voorkomt dat een baby te warm ligt  Gebruik geen dekbedje  Er is een ventilatiesysteem aanwezig in de slaapkamers  Gebruik geen kussen, hoofd- en zijwandbeschermers, zeiltjes, tuigjes, koorden of voorwerpen van zacht plastic in bed  Maak het bed kort op, zodat de voetjes tegen het voeteneinde liggen of gebruik een slaapzakje  Geef rust en regelmaat aan alle kinderen  Houd voldoende toezicht  De temperatuur van de slaapruimte is altijd comfortabel (rond de 17°C).

Brandveiligheid Hieronder beschrijven wij naast de algemene risico’s en maatregelen de veiligheidsrisico’s en maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot de brandveiligheid van het verblijf.      

Uiteraard doen wij er alles aan om een brand te voorkomen. Zo maken wij geen gebruik van onder andere kaarsen of snel ontbrandbare materialen Decoratiemateriaal of knutsels van kinderen zijn zoveel mogelijk aan de zijkanten (muren) van het verblijf bevestigd of geïmpregneerd / brandvertragend gemaakt Alle aanwezige brandblusmiddelen en installaties worden conform de wettelijk eis periodiek gecontroleerd en gekeurd Minimaal 2 maal per jaar organiseren wij een ontruimingsoefening zodat medewerkers en kinderen weten wat zij moeten doen bij een (indicatie) van brand Op de locatie is er altijd een medewerker aanwezig die in het bezit is van een geldig Kinder-EHBO en BHV certificaat Gangpaden en nooduitgangen zijn altijd goed door gaanbaar. Eventuele obstakels worden direct verwijderd

Geldig erkend EHBO certificaat Mocht er toch een ongelukje of incident gebeuren, dan is er altijd een (volwassen) medewerker binnen het kinderdagverblijf aanwezig die beschikt over een geldig kinderEHBO certificaat dat erkend is: Alle medewerkers beschikken over een certificaat van: eerste Hulp aan kinderen van het Oranje Kruis. Op deze manier weten alle medewerkers te handelen bij een ongeval.

13

Voorkomen van grensoverschrijdend gedrag Hieronder beschrijven wij de maatregelen die wij hebben genomen met betrekking tot het risico van grensoverschrijdend gedrag. In dit beleid staat hoe het risico op grensoverschrijdend gedrag door zowel aanwezige volwassenen als kinderen zo veel als mogelijk wordt beperkt. Wij hebben als afspraak dat een leidster een kind nooit op de mond kust. Op de bol mag wel. Ook hebben wij afgesproken om geen vinger bij baby’s in de mond te stoppen als ze huilen. Je kunt ze dan troosten en eventueel een speentje geven. Met de incidenten die de afgelopen jaren binnen de kinderopvang hebben plaatsgevonden met betrekking tot grensoverschrijdend gedrag, vinden wij het belangrijk om hier uitgebreid bij stil te staan en hier aandacht aan te besteden binnen het veiligheidsbeleid. Daarnaast is ieder kinderverblijf door de overheid verplicht om dit onderdeel met ingang van 1 januari 2018 op te nemen. Het vierogen principe Hier gaan we in het volgende kopje op in. Open cultuur waarbij we elkaar durven aan te spreken Wij vinden het belangrijk dat we bij (een vermoeden van) grensoverschrijdend gedrag elkaar hierop durven aan te spreken en dit bespreekbaar maken met de leidinggevende. Tijdens iedere teamvergadering is het voorkomen van grensoverschrijdend gedrag (van kinderen en volwassenen) een vast onderdeel op de agenda. Medewerkers op de groep weten van elkaar altijd waar zij zijn De medewerkers die samen op een groep kinderen staan, weten van elkaar waar zij zijn en wat zij doen. We communiceren veel met elkaar. Kinderen en grensoverschrijdend gedrag Een onderdeel van het pedagogisch beleid is het leren omgaan met waarden en normen. Rekening houden met elkaar en weten wat wel en niet toelaatbaar is, voor volwassenen en kinderen, vormen hierbij belangrijke aspecten. We doen er alles aan om kinderen mondig te maken en leren ze aan te geven als zij bepaald gedrag niet wenselijk vinden. Ook leren wij ze welk (eigen) gedrag gepast en ongepast is. Wij dragen de volgende waarden en normen over op de kinderen:  Respect voor elkaar hebben en hierbij zelf het goede voorbeeld geven.  Respect te hebben voor de dieren en de natuur.  Open te zijn en verschillen te benoemen.

14

Vier ogen principe Wij als kinderdagverblijf vinden het belangrijk dat kinderen in een veilige en vertrouwde omgeving worden opgevangen. We willen zorg dragen voor de groots mogelijke veiligheid van kinderen om een slechte pedagogische aanpak, misbruik en/of mishandeling te voorkomen. We brengen het principe van vier ogen, vier oren en transparantie op verschillende manieren in praktijk. Transparantie van het gebouw Kinderdagverblijf De Kei voldoet volledig aan de bouwkundige normen in het kader van het vier ogen principe. Het gebouw is bijzonder transparant door het gebruik van veel glas.  De wand tussen de 2 groepsruimtes is vanaf 1.20 meter tot aan het plafond van glas.  Alle deuren van de slaapkamers hebben een glasopening en zijn goed inzichtelijk vanuit de groep.  Alle deuren van kinderdagverblijf De Kei hebben een glasopening.  De gezamenlijke verschoonruimte heeft rondom glas en heeft zicht op beide groepen.  De kantoorruimte van het kinderdagverblijf en het gastouderbureau is voorzien van glas, van hieruit kan in beide groepen gekeken worden en in de verschoonruimte. Afspraken in het kader van vier ogen en vier oren  Als in de ochtend vanaf 6.45/7.30 uur en aan het einde van de middag tot 18.30 uur 1 pedagogisch medewerker aanwezig is op de groep kunnen ouders voortdurend binnenkomen. Als er 1 pedagogisch medewerker in het gebouw aanwezig is, is er altijd een achterwacht geregeld die aanwezig is of binnen 5 minuten aanwezig kan zijn.  ’s Middags kan het zijn dat pedagogisch medewerkers om de beurt een half uur alleen op de groep zijn, als de andere pedagogisch medewerker met pauze is. Er zijn altijd meerdere personen in het gebouw aanwezig, door de transparantie hebben zij ook zicht op de groepen.  Een stagiaire of vrijwilliger wordt bij voorkeur ingezet op dagen en/of momenten dat er 1 pedagogisch medewerker op de groep aanwezig is.  De oprichter/eigenaar komt regelmatig (onaangekondigd) op de groep om even iets door te geven, af te geven, op te halen of na te vragen. In de situatie dat er 1 pedagogisch medewerker op de groep staat komt de oprichter/eigenaar extra vaak (onaangekondigd) op de groep.

15

Achterwachtregeling Ons kinderdagverblijf maakt gebruik van een achterwacht. Een achterwacht is iemand die in geval van nood te allen tijde ingeschakeld kan worden. Een achterwacht moet duidelijk geregeld zijn, zodat een pedagogisch medewerker hierop terug kan vallen in geval van calamiteiten binnen kinderdagverblijf De Kei . De achterwacht hoeft echter niet in het pand aanwezig te zijn, maar wel binnen 10 minuten ter plekke kunnen zijn. Anita van Gemert, Rowan van Gemert en Irma Schel zijn de achterwacht voor kinderdagverblijf De Kei. Tijdens kantooruren is één van deze personen altijd aanwezig. Na kantooruren is Anita van Gemert in de mogelijkheid om binnen 5 minuten bij het kinderdagverblijf te zijn. De personen die als achterwacht dienen zijn in het bezit van een kinder-EHBO diploma en een BHV diploma en op de hoogte van het calamiteitenplan. De volgende personen zijn bereikbaar als achterwacht: - Anita van Gemert tel: 0625045457 of 0613180151 - Rowan van Gemert tel: 0610338499 - Irma Schel tel: 0629134356

Meldcode kindermishandeling Anita van Gemert is aandachtfunctionaris bij Kinderdagverblijf De Kei. Wij zijn in het bezit van de handleiding en meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling . Hierin staat het stappenplan voor het handelen bij signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling vermeld. Bij gegronde twijfel over vermoedens van kindermishandeling gaan wij volgens onderstaande stappen van de meldcode te werk. Stap 1: In kaart brengen van signalen Stap 2: Overleggen met een collega. En eventueel Veilig thuis (het advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling) raadplegen voor advies, of een deskundige op het gebied van letselduiding Stap 3: Gesprek met de betrokkene(n) Stap 4: Wegen van het huiselijk geweld of de kindermishandeling. En bij twijfel altijd Veilig thuis raadplegen Stap 5: Beslissen over zelf hulp organiseren of melden De meldcode die wij gebruiken kunt u lezen op onze website: www.kinderdagverblijfdekei.nl

16

Veiligheid en privacy Een belangrijk onderdeel binnen ons veiligheidsbeleid is het op een goede manier omgaan met en het respecteren van de privacy van kinderen, ouders en medewerkers. Het aantal meldingen dat bij het Meldpunt Kinderporno is binnengekomen over bewerkt beeldmateriaal van kinderen neemt steeds verder toe. Om het risico op misbruik te voorkomen geven wij hier op de volgende manier vorm aan: 

 

Afbeeldingen of filmbeelden van kinderen worden nooit zonder toestemming van ouders / verzorgers met buitenstaanders gedeeld, ook niet via het internet. Aan de ouders wordt hiervoor toestemming gevraagd middels het toestemmingsformulier bij intake. Bij het maken van foto’s wordt er rekening gehouden dat kinderen minimaal een hemd en onderbroek of romper aanhebben. Er worden nooit naaktfoto’s of foto’s in alleen onderbroek gemaakt en verstuurt. We doen er alles aan om een roddelcultuur te voorkomen en spreken elkaar hierop aan op het moment dat dit toch plaatsvindt Wij verstrekken geen persoonlijke informatie aan andere ouders of derden zonder dat de betreffende persoon hier toestemming voor heeft gegeven of dat hier echt noodzaak voor is

Kinderen leren om te gaan met kleine risico’s Wij leren kinderen actief om te gaan met (kleine) veiligheidsrisico’s. Door uit te leggen waarom we met elkaar bepaalde afspraken hebben gemaakt en ze te leren hoe we risico’s op incidenten kunnen beperken, maken we ons verblijf nog veiliger. We leren kinderen:            

Dat zij niet met deuren mogen spelen. Dat zij niet met elektriciteit, zoals stopcontacten en snoeren mogen spelen Dat er in de hal en in de groepsruimten niet mag worden gerend Dat speelgoed waarmee niet (meer) gespeeld wordt, wordt opgeruimd Er mag niet met spullen gegooid worden tenzij dit voor een activiteit gewenst is We stoeien niet bij ramen en deuren. We houden rekening met elkaar Aan te geven wanneer zij iets niet leuk of gepast vinden We leren ze welke gedrag wel en niet gepast of gewenst is Wat zij moeten doen bij een ontruiming / alarm Dat als zij gemorst hebben met drinken, dit bij de groepsleiding te melden of op te ruimen Dat zij niet in de volgende ruimten mogen komen: sanitaire voorziening voor volwassenen, kantine, kantoor en de opbergruimtes/schoonmaakruimtes. Deze ruimtes zijn beveiligd doordat de klinken er hoog zitten zodat de kinderen er niet bij kunnen 17

Plan van Aanpak Alle medewerkers beschikken over een certificaat van: eerste Hulp aan kinderen van het Oranje Kruis en BHV. Mocht zich iets voordoen, dan handelen we op de volgende manier: Verbranding: Bel 112 bij:  inademing van rook/hete gassen ook al heeft het kind geen klachten  grote verbrandingen met blaren en/of een zwarte of grauwwitte huid Bel de huisarts of huisartsenpost:  bij kleine verbrandingen met blaren en/of een zwarte of grauwwitte huid  als een groot deel van de huid rood en gezwollen is  bij ziekteklachten, zoals koude rillingen, koorts, misselijkheid, braken, hoofdpijn of hartkloppingen Koel brandwonden tenminste 10 minuten met bij voorkeur lauw stromend water. Koel alleen de brandwonden. Zorg dat het kind verder zo min mogelijk afkoelt. Smeer niets op blaren en/of op een zwarte of grauwwitte huid. Dek brandwonden steriel of zo schoon mogelijk af, bijvoorbeeld met plastic huishoudfolie. Vergiftiging:  Zoek uit om welk product of welke plant het gaat.  Bel 112.  Volg de instructies op van de 112-medewerker.  Geef de verpakking of resten van de ingenomen stof mee naar het ziekenhuis.

Verdrinking: Het kind ligt nog in het water:  Roep om hulp, bel of laat 112 bellen. Denk om je eigen veiligheid:  het kind kan je onder water trekken;  ga alleen het water in als er geen andere mogelijkheid is zoals een touw of stok. Zorg dat er altijd minstens nog iemand in de buurt is die kan helpen. Het kind is uit het water:  Leg het kind op de rug en controleer bewustzijn (aanspreken en schudden aan de schouders).  Bel of laat 112 bellen (als dat nog niet is gebeurd).  Open de luchtweg en controleer gedurende tien seconden of er een normale ademhaling is.  Als er geen normale ademhaling is, start met beademen (vijf maal).  Als het kind niet reageert, begin met 5 beademingen en daarna 15 borstcompressies en wissel dit af met twee beademingen. Ga hiermee door tot hulp arriveert. 18



Als het kind normaal ademt, draai je het op de zij (liefst in de stabiele zijligging) in afwachting van de komst van de hulpdiensten.  Gebruik een (reddings- of isolatie)deken als bescherming tegen bijvoorbeeld kou of regen. Bijna-verdrinking Neem contact op met de huisarts als iemand in het water is gevallen en water heeft binnengekregen (bijna-verdrinking), ook al lijkt er niets aan de hand te zijn. Iedere drenkeling die mogelijk water heeft ‘ingeademd’, moet door een arts onderzocht worden. Dit is belangrijk, omdat in de eerste 48 uur na een bijna-verdrinking waarbij water in de longen terecht gekomen is, levensgevaarlijke complicaties kunnen optreden. Als het kind hevig benauwd wordt in die 48 uur na een bijna-verdrinking, bel dan 112. Valongevallen Huilt het kind? Als een kind na een harde val of klap op het hoofd niet meteen huilt (en dus even bewusteloos is), dan heeft het waarschijnlijk een hersenschudding. Het kind weet dan niet meer wat er gebeurd is, heeft hoofdpijn, is duizelig, wordt misselijk en kan gaan braken. Komt er bloed uit de neus of oren? Als een kind na een ernstige val uit zijn neus bloedt, dan heeft hij waarschijnlijk geen bloedneus maar een schedelbasisfractuur of misschien hersenletsel. Laat hem niet zijn neus snuiten en bel meteen 112. Bij een schedelbasisfractuur kan er behalve bloed uit de neus ook bloed uit de oren of de mond komen. Soms zijn blauwe plekken zichtbaar rond de ogen of achter de oren en kunnen er uitvalverschijnselen zijn, waarbij tijdelijk de oogbewegingen en de motoriek zijn aangetast. Is het kind bij kennis? Zo niet, leg hem dan op zijn zij, maak knellende kleding los en kijk of hij niets in zijn mond heeft. Waarschuw altijd een arts, ook als het kind maar kort bewusteloos is geweest. Is het gezicht bleek of vaal? Voelt het kind zich ellendig van een val? Ziet het er slecht uit? Heeft het een vale huidskleur? Is het koud en klam? Is het dorstig, onrustig, slap en krachteloos? Dan is er misschien sprake van een shock. Laat het kind rustig liggen, probeer bloedverlies te stelpen, bescherm hem tegen afkoelen, laat hem niet drinken en bel meteen 112. Verliest het kind bloed? Verliest het kind veel bloed? Verplaats het kind dan niet en breng het gewonde lichaamsdeel omhoog. Stelp het bloed door direct druk uit te oefenen op de wond. Bel 112 als het bloed niet te stelpen is. Heeft het kind pijn? Heeft het kind pijn, een zwelling (soms pas zichtbaar na wat langere tijd) of een bloeduitstorting (zichtbaar als een blauwe verkleuring)? Dan heeft hij waarschijnlijk iets gekneusd. Koel de plek tien tot vijftien minuten, bijvoorbeeld onder de koude kraan. Laat 19

het kind tijdens het koelen niet alleen. De combinatie van pijn en kou kan er voor zorgen dat het kind een flauwte krijgt. Ga met een kneuzing altijd naar een huisarts. Kan het kind alle ledematen bewegen? Heeft het kind pijn en kan hij een lichaamsdeel niet meer bewegen? Dan is het meestal gebroken. Soms staat de arm of het been ook in een abnormale stand. Geef het lichaamsdeel steun en rust in de positie waarin je het aantreft. Dek bij een open botbreuk de wond steriel of zo schoon mogelijk af. Breng het kind naar de eerste hulp in het ziekenhuis. Wonden Ga ook naar het ziekenhuis of bel de huisarts als het kind een van de onderstaande wondenheeft:  een diepe wond  vuile wond  ernstig bloedende wond  wond waar voorwerpen uit steken  wondinfectie die niet snel verdwijnt  een rode streep na een verwonding. De arts kan besluiten de wond te hechten. Soms is ook een tetanus-injectie nodig. Verstikking/verslikking Een verstikkingssituatie die vaak voor komt is wanneer een kind zich verslikt tijdens het eten of drinken. Het voedsel komt dan in de luchtpijp terecht en in de meeste gevallen leidt dit tot een hoestbui, door het hoesten schiet het stukje voedsel los. Wat doe je als iemand stikt? Bij het verslikken in vloeibaar voedsel hoef je niets te doen, het kind gaat vanzelf hoesten. Bij het verslikken in vast voedsel probeer je het met de hand te verwijderen uit de keel. Probeer met één of twee vingers met een ‘lepelende’ beweging het voorwerp te pakken. Wanneer het kind niet hoest, probeer dan met vijf slagen tussen de schouderbladen het voorwerp los te laten schieten. Werkt dit niet, gebruik dan enkele buikstoten, eerder noemde men dit de heimlich greep. Kenmerken verslikking Bij ernstige verslikking geeft het kind aan benauwd te zijn. Hij grijpt mogelijk naar de keel, is in paniek, kan niet praten of hoorbaar hoesten, probeert wanhopig adem te halen, wat soms een gierend geluid geeft. Laat 112 bellen, wanneer dit niet helpt. Ga na deze handelingen met kinderen altijd naar de (huis)arts.

20

Gezondheidsbeleid Inleiding Het gezondheidsbeleid draagt bij aan het bewerkstelligen van een gezond leefmilieu voor kinderen, ouders en de medewerkers binnen ons kinderverblijf. Door het volgen van de richtlijnen van dit beleid en de maatregelen die we hebben genomen en omschreven, worden (grote) gezondheidsrisico’s zo veel mogelijk beperkt en uitgesloten. Naast het gezondheidsbeleid is het veiligheidsbeleid van kracht. Als bijlage is een actualisatielijst toegevoegd waarin wij aangeven wanneer het beleid voor het laatst is aangepast en wat de reden voor deze aanpassing is geweest.

Het voorkomen van (de verspreiding van) ziektekiemen Het verspreiden van ziektekiemen gaat razendsnel. Als er één kind ziek is, volgen er al snel meer. En ook medewerkers en ouders zijn niet ongevoelig voor deze ziektekiemen. We doen er dan ook alles aan om ons verblijf zo schoon en hygiënisch mogelijk te houden. Wij hebben hiervoor de volgende maatregelen genomen. Handhygiëne We doen ontzettend veel met onze handen. We vegen vieze billen af, spelen ermee in de zandbak, raken speelgoed aan, vegen even langs onze neus en eten vervolgens een boterham, koekje of een stuk fruit. Een goede handhygiëne is dan ook ontzettend belangrijk. We zorgen ervoor dat we geen ringen aan hebben. Tevens zorgen we ervoor dat kinderen en pedagogisch medewerkers hun handen wassen met zeep en water. In de verschoonruimte en op de wc van de medewerkers, hangt desinfecterende zeep, deze wordt gebruikt na het verschonen, een toiletgebruik of het in aanraking komen met bloed, lichaamsvocht, etc. We wassen onze handen met zeep en water:  Na het (helpen bij) toiletgebruik  Na het buitenspelen  Na het bezoek aan dieren  Voor het (helpen bij) eten  Voor het bereiden van een flesje  Voor en na het aanbrengen van zalf  Na het verschonen van een kind  Na het verzorgen van wondjes  Na het in contact komen met lichaamsvocht zoals snot, wondvocht of bloed  Na contact met vuile was, afval of de afvalcontainer  Bij zichtbaar vieze handen  Bij verkoudheid (niezen, hoesten of snot)

21

Bij het handen wassen gebruiken we vloeibare zeep en wrijven onze handen minimaal 10 seconden goed over elkaar. Ook leren we kinderen hoe zij moeten zorgen voor een goede handhygiëne. Voedselhygiëne Omdat we binnen het verblijf ook voedsel en drinken bereiden en nuttigen, houden wij ons aan de wettelijke regels die zijn opgenomen binnen de warenwet. Op deze manier beperken we het risico op besmetting of voedselvergiftiging.              

Boodschappen die zijn binnengekomen worden direct op de juiste plek opgeborgen Open producten worden voorzien van datum Voedsel en drinkflessen worden alleen bereid op de daarvoor bestemde plekken Gekoelde producten worden bewaard in de koelkast bij een temperatuur die ligt tussen de 4 en 7 graden celsius Bij producten volgen wij de bewaar- en bereidingsadviezen op de verpakking We verhitten rauwe ingrediënten tot minimaal 75 graden in de kern Bij flesvoeding krijgt ieder kind zijn eigen fles Restjes eten worden weggegooid en niet opnieuw aangeboden Flessen worden na gebruik direct uitgespoeld en goed gereinigd Flessen worden in de koelkast bewaard. Flessen en spenen worden door ouders dagelijks mee naar huis genomen, zodat zij thuis de flessen en spenen kunnen uitkoken. Moedermelk wordt bewaard bij een temperatuur van maximaal 4 graden celsius Melk wordt nooit meer dan eenmaal opgewarmd en opnieuw aangeboden Gekoelde producten die langer dan 3 kwartier buiten de koelkast zijn geweest worden weggegooid

Zieke kinderen Wij zijn van mening dat als kinderen ziek zijn, ze het beste thuis kunnen blijven. Thuis krijgen ze de zorg en aandacht die ze op dat moment nodig hebben en die de pedagogisch medewerker op het kinderdagverblijf niet kan bieden. Als uw kind ziek is of om een andere reden niet kan komen, verzoeken wij u voor 9.00 uur dit telefonisch door te geven aan de pedagogisch medewerker. Bij twijfel kunnen we dan samen met u bekijken of het verstandig is om uw kind te laten komen. De dag dat uw kind ziek wordt (of door u ziek wordt gemeld), berekenen we als opvangdag. Als uw kind de dagen daarna nog ziek is (dus bij de 2de opeenvolgende dag), kan deze dag op een later moment in dat betreffende jaar ingehaald worden. Voor inhalen geldt dat dit een service is. We bekijken altijd of er plaats is op de groep en of de kwaliteit gewaarborgd blijft. In geval van kinderziektes houden wij ons aan de richtlijnen van de GGD. De GGD-richtlijnen, met daarin informatie over ziektes, is in te zien op de site van kinderdagverblijf De Kei, onder het kopje “verwijzingen”. 22

Wij verstaan onder een ziek kind: Zie ons protocol “ Zieke kinderen en medicijnen” onder het kopje verwijzingen op onze website.

Schone speel- en leefomgeving Gezondheid begint bij een schone speel- en leefomgeving. Kinderen horen op te groeien in een veilige en gezonde omgeving. Hierbij is het een eerste vereiste dat de binnen- en buitenruimte van het kinderdagverblijf schoon en hygiënisch is. De medewerkers en leidinggevende zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het schoonmaakbeleid.          

We waarborgen een consequente schoonmaak, door het schoonmaakschema te hanteren Zichtbaar verontreinigde ruimtes worden direct schoongemaakt Sanitaire ruimtes worden 2 x per dag schoongemaakt Meubilair is zo gemaakt dat het makkelijk schoon te houden is De vloer en het meubilair dat dagelijks gebruikt wordt moet dagelijks schoongemaakt worden Hoger gelegen oppervlakken moeten wekelijks gereinigd worden Verticale oppervlakken worden maandelijks gereinigd Knutselwerk en dergelijke worden na een maand verwijderd als ze niet gereinigd kunnen worden, of we verwijderen het als ze al eerder zichtbaar stoffig zijn Speelgoed wordt wekelijks gereinigd of indien nodig eerder Speelgoed dat door zieke of verkouden kinderen is gebruikt wordt direct gereinigd

In de bijlage is het schoonmaakschema wat wij op de Kei hanteren opgenomen.

Textiel Washandjes, handdoeken, slabbers en vaatdoeken worden na gebruik dagelijks gewassen. Tevens worden de hydrofiele luiers na het slapen bij elk kind meteen in de was gegooid. Er wordt een nieuwe hydrofiele luier gepakt, wanneer een ander kind in bed wordt gelegd. De schoonmaak van het beddengoed en overig textiel wordt wekelijks gereinigd (zie hiervoor het schoonmaakschema in de bijlagen).

Allergieën Ouders worden verzocht om eventuele allergieën te melden. Uiteraard houden wij ook rekening met bv. een voedselallergie. Als een kind een allergische reactie vertoont overleggen wij met de ouder hoe te handelen.

23

Een gezond binnenklimaat Het binnenmilieu is de leefomgeving binnen in een gebouw. Voor een gezond binnenmilieu zijn de volgende factoren van belang: luchtverversing, temperatuur en vochtbalans en de kwaliteit van de (binnen)lucht. Op het kinderdagverblijf hebben wij een ventilatiesysteem in alle ruimtes (behalve de opbergruimtes). Dit systeem voldoet aan alle nieuwe eisen. Tevens worden onderstaande maatregelen in acht genomen om de luchtkwaliteit goed op peil te houden: 

   

Er wordt voldoende geventileerd. Ventilatie is het proces waarbij ‘verse” lucht buiten naar binnen wordt toegevoerd en gebruikte lucht van binnen naar buiten wordt afgevoerd. Vooral bij infectieziekten die via in de lucht zwevende kleine druppeltjes worden overgedragen is een goede ventilatie belangrijk om verspreiding van de ziekte tegen te gaan. Daarnaast is ventilatie ook belangrijk voor het afvoeren van hinderlijke geuren en anderszins schadelijke stoffen. We proberen ervoor te zorgen dat er binnen altijd een aangename temperatuur is van minimaal 18 graden Wanneer er iets mis is met de CV of de ventilatie wordt dit direct gemeld bij de leidinggevende. Deze neemt direct maatregelen om eventuele problemen te verhelpen De filters in het ventilatiesysteem worden maandelijks vervangen Bij zomerse warme dagen zijn de volgende maatregelen van toepassing: - Zonneschermen bij zonsopgang naar beneden en bij zonsondergang omhoog. - Plan geen intensieve bewegingsactiviteiten - Ventileer en lucht s’ avonds en s’ nachts het gebouw - Zorg voor dwars ventilatie als er geventileerd wordt ( het openen van voorzieningen in tegenover elkaar liggende gevels) - Let wel op de eisen rondom de brandveiligheid van het gebouw. - Zorg voor schaduw op de buitenspeelplaats - Laat kinderen en medewerkers extra drinken en wacht niet tot dorstgevoel - Laat de kinderen buiten blijven als het daar koeler is dan binnen ( maar voorkom blootstelling aan direct zonlicht tussen 12:00 en 15:00 uur)

Frisse lucht Naast een goede ventilatie nemen we ook extra maatregelen om de lucht schoon en fris te houden voor de kinderen.   

We gebruiken geen spuitbussen (verf, haarlak en luchtverfrissers in de ruimte met kinderen) Er wordt alleen lijm op waterbasis gebruikt We gebruiken geen wasbenzine, terpentine, verfafbijtmiddelen of andere chemicaliën met oplosmiddelen waar kinderen bij zijn 24

 

We gebruiken geen sterk geurende producten en gebruiken reinigingsmiddelen met zo weinig mogelijk geur We zorgen ervoor dat sanitaire ruimten 2x per dag gereinigd worden of indien nodig vaker

Een gezond buitenmilieu Schoonhouden buitenruimte Wanneer kinderen buitenspelen checkt een pedagogisch medewerker altijd eerst de buitenruimte op de aanwezigheid van ongedierte, brandnetels, uitwerpselen van dieren, (zwerf)afval en andere zaken die een risico vormen voor de veiligheid en daarmee ook de gezondheid van kinderen. Is er iets niet in orde dan wordt dit direct verholpen of er worden maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat de gezondheid van kinderen niet in gevaar komt. Teken en insectenbeten Tekenbeten kunnen voorkomen worden door het gras laag te houden, dit wordt ook wekelijks gemaaid. Als er toch een teek op de huid van een kind gevonden wordt, moet deze zo snel mogelijk verwijderd worden met behulp van een tekenpincet. Wespen en bijen veroorzaken nare pijnlijke steken. Ze worden aangetrokken door zoete geuren. De kinderen worden voor het naar buiten gaan gecontroleerd op plakkerige handen en monden. Wanneer een kind door een bij/wesp gestoken wordt, wordt direct de angel verwijderd en het gif uitgezogen. Daarna leggen we eventueel een coldpack op het wondje, ter verkoeling en verzachting van de pijn. Er kan Azaron op de plek gesmeerd worden. Soms treedt na een wespen – of bijensteek een heftige allergische reactie op (zwelling, ernstige benauwdheid, verwardheid en/ of bewusteloosheid). We zijn hier alert op en waarschuwen in dat geval de ouders en in ernstige gevallen ook een arts en/of ambulance. Contact met dieren Kinderen komen op de Kei ook regelmatig in contact met onze dieren. We zorgen er altijd voor dat dit onder begeleiding van een medewerker gebeurt. Deze is er alert op dat een kind niet gebeten of gekrabd wordt door een dier. Na afloop worden altijd de handen gewassen. De zandbak en het gebruik van een zwembadje De zandbak is een bron van bacteriën en ziektekiemen. Het is dan ook belangrijk dat we het zand zo schoon mogelijk houden. Voor ieder gebruik wordt de zandbak gecontroleerd. Viezigheid of uitwerpselen van dieren worden direct verwijderd. Daarnaast wordt het zand in de zandbak periodiek of indien noodzakelijk eerder vervangen. Zie ook de actielijst. Bij gebruik van een zwembadje wordt het water dagelijks of, indien er viezigheid of poep in het water ligt, direct ververst. We leren kinderen dat zij in de zandbak of het zwembadje niet mogen eten en drinken.

25

Zomerperiode Als de kinderen in de zomer gaan buitenspelen worden zij minimaal een half uur van te voren ingesmeerd met een zonnebrandcrème factor 50. Er wordt gezorgd voor voldoende schaduwplekken en bij hoge temperaturen zorgen we dat de kinderen extra drinken aangeboden krijgen. Er wordt op gelet dat kinderen niet te lang in de felle zon spelen. Wanneer blijkt dat kinderen het te warm krijgen, gaan wij naar binnen. Dit alles om de kans op uitdroging of een zonnesteek te voorkomen.

Gezondheid: leren omgaan met risico’s Wij leren kinderen actief om te gaan met (kleine) gezondheidsrisico’s. Door uit te leggen waarom we met elkaar bepaalde afspraken hebben gemaakt en ze te leren hoe we risico’s kunnen beperken, maken we ons verblijf nog gezonder. We leren kinderen:  Wanneer en hoe zij hun handen moeten wassen  Dat zij niet richting een ander niezen of hoesten  Dat zij niet in de zandbak of het zwembadje mogen eten of drinken

26

Bijlage 1: het schoonmaakschema Op beide groepen hebben we een schoonmaaklijst voor de betreffende dag. Tevens hebben we een schoonmaakschema, zodat het overzichtelijk is wat er zoal in een jaar tijd moet gebeuren. Wat: Afvalbakken legen Afvalbakken buiten en kantine Deuren Deurklinken/ handgrepen/ lichtschakelaars Plafond

Dagelijks: x

Wekelijks:

Maandelijks:

x

Nat afdoen

Door: Groepsleiding Groepsleiding

x

Nat afdoen Nat afdoen

Groepsleiding Groepsleiding

Zo nodig stofdraden verwijderen Nat afdoen

Schoonmaakster

Klam vochtige doek of stofzuigen Vegen en dweilen Stofzuigen

Schoonmaakster of eigenaar

Nat afdoen

Schoonmaakster

Nat afdoen

Schoonmaakster

x x

Nat afdoen Nat afdoen

Groepsleiding Groepsleiding

x

Nat afdoen

Groepsleiding

Nat afdoen en controleren op beschadigingen Wasmachine 60 graden Nat afdoen

Groepsleiding

x

4 x per jaar

Vensterbanken Ramen

x

x

Vloeren

x

Deurmat

x

Binnenkant kasten

Knuffelbeesten en kussens Box Thee-, hand- en vaatdoeken Aanrecht/spoelbak /kranen

Hoe:

4 x per jaar

Ventilatierooster

Binnenkant open kasten Tafels Speel- en werkvlakken Speelgoed (vies/veel in de mond) Speelgoed

Anders:

1 x per jaar. 4 x per jaar

x

x x x x

Ieder dagdeel!

Wasmachine 60 graden Nat afdoen

Groepsleiding Schoonmaakster

Groepsleiding Groepsleiding

Groepsleiding Groepsleiding Groepsleiding Groepsleiding

27

Wat: Keukenkast binnen Filter vaatwasser

Dagelijks:

Magnetron/oven

x

Fornuis Koelkast Keukenmaterialen

x

Verschoonhoek

x

Wekelijks:

Anders:

x Na gebruik

x x

Na gebruik

Thermometer Toiletten

x

Douche

x

Wastafel/kranen Werkkast (kasten van binnen)

x

Na gebruik 2 x per dag Na gebruik 2 x per jaar

Buitenbedjes

x

Binnenbedjes

x

Beddengoed zowel binnen als buiten Slaapzakken/lakens zowel binnen als buiten

x

Afvalbak buiten Buitenspeelgoed

x

x

4 x per jaar en zo nodig direct afdoen 2 x per week

Babytuin Babytuin Overalls

Maandelijks: x

x x

Bij zichtbare vervuiling meteen

Hoe: Nat afdoen Etensresten eruit halen Nat afdoen

Door: Groepsleiding Groepsleiding

Nat afdoen Nat afdoen Afwasmachine

Groepsleiding Schoonmaakster Groepsleiding

Nat afdoen (na gebruik) Ontsmetten met alcohol 70% Nat afdoen

Groepsleiding

Nat afdoen

Groepsleiding

Nat afdoen Nat afdoen

Groepsleiding Schoonmaakster

Met een theedoek of natte doek afdoen Nat afdoen en controleren op defecte sluitingen Wasmachine 60 graden Wasmachine 60 graden

Schoonmaakster

Nat afdoen Nat afdoen

Groepsleiding Groepsleiding

Nat afdoen

Groepsleiding

stofzuigen Wasmachine 60 graden

Schoonmaakster Groepsleiding

Groepsleiding

Groepsleiding Groepsleiding

Schoonmaakster

Groepsleiding Groepsleiding

28

Regenlaarzen Dieren voeren en water geven (ochtend) Poep opruimen van de dieren

x

x

Dierenruimtes verschonen

x

Kantine Wasruimte Doekjes/mop

x x

Emmers Stofzuiger

Nat afdoen Schoon water geven en de voerbakken vullen Met een schep of handveger en blik (in de kliko gooien) Alle stro eruit halen en verversen

x

x x Zo nodig

Wasmachine 60 graden Afdoen Legen en afdoen

Groepsleiding Groepsleiding

Groepsleiding

Eigenaar

Schoonmaakster Schoonmaakster Groepsleiding Groepsleiding Groepsleiding + schoonmaakster

29

Bijlage 2: actielijst veiligheid en gezondheid Omschrijving

Laatst gedaan

Wanneer opnieuw

30

Bijlage 3: actualiseren veiligheid- en gezondheidsbeleid Het veiligheids- en gezondheidsbeleid is een levend document. Dat betekent dat het beleid nooit af is en bij veranderingen binnen het kinderverblijf, constateringen of bij incidenten wordt aangepast. Het beleid is een vast agendapunt binnen de teamvergaderingen. Hieronder geven we aan wanneer het beleid voor het laatst is geactualiseerd en wat de reden was voor de aanpassing. Datum aangepast: 19-10-2018 Reden aanpassing:

Er ontbrak een plan van aanpak, deze is nu toegevoegd met de 5 v’s (verbranding, vergiftiging, verdrinking, valongevallen en verstikking/verslikking)

Datum aangepast: Reden aanpassing:

Datum aangepast: Reden aanpassing:

Datum aangepast: Reden aanpassing:

31

Life Enjoy

" Life is not a problem to be solved but a reality to be experienced! "

Get in touch

Social

© Copyright 2013 - 2019 TIXPDF.COM - All rights reserved.